Tabernakel Koor bekeert broeder Bartelles
Het Tabernakelkoor bezoekt Nederland
In dezelfde maand dat de regering de Kerk officieel erkende, ontving
het
mormonisme grote publiciteit van de massamedia. Zij kondigden aan dat
het
Mormoonse Tabernakelkoor van plan was Nederland te bezoeken.
Het beroemde koor was erg bekend in Nederland. In 1951 wijdde de omroep-
vereniging A.V.R.O. een "speciaal klankbeeld van de dag" aan
muziek door
het Tabernakelkoor, becommentarieerd door de locovoorzitter. De A.V.R.O.
herhaalde dit programma, omdat het over het gehele land gunstig werd
ont vangen.
De kranten kondigden de komst van het koor aan als het "700 Mormon
Choir".
Er zouden twee concerten worden gegeven, een in het Amsterdamse Concert
gebouw en een in het Kurhaus in Scheveningen. Het koor kwam op 30 augustus
1955 in Amsterdam aan. Toen het Nederlandse volk zich realiseerde, dat
vele koorleden van Buropese afkomst waren, legden zij "de rode
loper" uit. Het internationale karakter van het koor bleek een
van de voornaamste voordelen op dit tournee te zijn. Vele leden van
Nederlandse afkomst vonden hun familie terug, zoals de Van Tussenbroeks,
de Van Ossens, de Van Ottens, de Wiegel-zusters, de De Haans, Kerns,
Bergouts, Rosendahls en Bergs.
In Amsterdam werd het koor officieel door de Burgemeester welkom geheten.
Hij vermeldde hoe goed het koor door de Britse pers was ontvangen. Hij
sprak er zijn vertrouwen over uit, dat dit ongetwijfeld ook in Nederland
het geval zou zijn. Letterlijk zei hij: "Ik verwelkom u als Heiligen
der Laatste Dagen. Wij hebben hier vele godsdienstige stromingen, maar
wij hebben ook plaats voor u. Wij bezitten in Nederland een grote religieuze
tolerantie."
Hierna draaide hij de kanaallichten aan, zodat het koor kon genieten
van een feestelijk verlichte boottocht door de Amsterdamse grachten.
Tijdens de voorbereidingen voor het concert werd van alle kanten kritiek
uitgeoefend en men veronderstelde dat het koor weinig publiek zou trekken.
Men hoorde kreten als: "Koren zijn niet erg populair in Nederland
en ze zullen weinig publiek trekken", "Het Concertgebouw is
nog nooit uitverkocht geweest voor een koor", "Koren zijn
geen kassavullers in Europa."
"Toch wisten wij dat het Tabernakelkoor geen moeite zou hebben
met het vullen van concertzalen. Nadat de kassa in Amsterdam was geopend,
waren alle toegangsbiljetten in minder dan twee uur verkocht, terwijl
honderden moesten worden teleurgesteld. Het concertgebouw had een capaciteit
van 2600 plaatsen, terwijl er 3000 plaatskaarten verkocht waren."
Omdat de verkoop veel beter liep dan was aangenomen, werd van verschillende
kanten verzocht om meerdere concerten in Nederland te organiseren. Bij
beide concerten kreeg het koor een staande ovatie toen het Nederlandse
volkslied door hen in het Nederlands werd gezongen.
Reacties van de Pers
Onmiddellijk na het concert publiceerden honderden kranten artikelen
over
het optreden.
De muziekrecensent van de onafhankelijke Telegraaf, H.J.M.Mueller, wijdde
een halve kolom aan het concerto "Het koor is werkelijk uitstekend",
zei hij:
"Het is duidelijk, dat de zangers serieus en accuraat studeren.
Zij bezitten
een ontwapenende naiviteit en een hartelijke expressie. Zij hebben zelf
groot plezier in hun optreden en tonen een ware liefde voor muziek."
De katholieke Volkskrant zei, dat het optreden van het koor alle verwach
tingen overtrof. Het koor zong met grote discipline, de klank was uitge-
balanceerd en het koor behield zijn grote homogeniteit gedurende de
gehele
avond, maar over het algeheel bracht het geen begeestering,
De Amsterdamse krant "Het Parool" becommentarieerde het als
een bijzonder
koor, dat door het grote aantal stemmen een grote sonoriteit bezat in
ieder volume, zonder geforceerd aan te doen.
Natuurlijk verscheen er ook slechte kritiek in verschillende kranten.
Een verslaggever meldde: "Aan dit gedisciplineerde materiaal zou
meer
expressie moeten worden tegevoegd en meer artisticiteit ."
Een andere schrijver meldde: "Ondanks alles bleef het koor eentonig."
De Nederlandse zendingspresident, Donovan Van Dam, verklaarde dat het
op
treden van het koor van verreikende invloed cp het zendingswerk was.
"Wij hoorden hoe mensen over het concert spraken. Zij zeiden, dat
het een
zeer speciale belevenis was geweest. In twee bijzondere gevallen volgde
bekering tot de Kerk na het koorbezoek. Ja, de leden van het koor (hebben
tijdens hun bezoek aan Europa in 1955 machtig zendingswerk gedaan. "
Later meldde hij:
"Er waren enkele directe en opmerkelijke resultaten als gevolg
van het bezoek van het koor. Niet alleen in de gevoelens en geestkracht
in de zending en in de gunstige recensies en publiciteit, maar ook door
bekeerlingen tot de kerk."
Een voorbeeld van een onmiddellijke bekering tot de Kerk tengevolge
van het bezoek van het koor aan Nederland betrof een zekere heer Bartelles.
"Bartelles in Den Helder was een van onze onderzoekers, die er
plezier in had om met ons te bekvechten en de waarheid van het evangelie
te bestrijden. Hij was een intelligent man. Hij had behoord tot het
Leger des Heils en had voor deze instelling twee zendingen vervuld,
een in Indonesie en een in Denemarken. Wij zendelingen voelden dat hij
niet de ware onderzoekersgeest bezat, zodat wij op het punt stonden
om hem te laten vallen. In feite inspireerde hij ons zo weinig, dat
wij niet eens de moeite namen om hem van het naderende bezoek van het
koor te vertellenj wij wendden ons tot die mensen, die voor ons veel-belovender
in hun houding waren. Op een dag was de heer Bartelles op zijn werk.
Het was lunchpauze en een jonge bediende pakte zijn lunch, die in krantenpapier
gewikkeld was, uit. Toen hij de krant op de tafel uitspreidde, zag Bartelles
een advertentie voor het concert van het Tabernakelkoor op 31 augustus
in Amsterdam, een stad die enkele uren treinreizen van Den Helder verwijderd
was. Bartelles kwam direct naar ons toe om om kaartjes te vragen. Dit
verbaasde ons erg, Hij bezocht het Amsterdamse concert en nam de volgende
dag contact met ons op; er had een complete verandering in hem plaatsgevonden.
In een gesprek met ons zei hij: "Ik voelde dat de koorleden niet
voor het publiek zongen, Zij zongen voor God." Hij vertelde hoe
de muziek hem tot in het diepst van zijn hart had getroffen en hem een
getuigenis had gegeven van de waarheid van het herstelde evangelie.
De tranen stroomden hem over de wangen toen hij vroeg om gedoopt te
mogen worden. Wij zullen nooit de nederigheid, die hij die dag toonde,
noch de kracht van zijn vurige getuigenis, vergeten. Er waren twee zendelingen,
400 zangers en Gods geest nodig om Bartelles uit Den Helder te bekeren,
maar hij is bekeerd en is een trouw lid van die goede kleine gemeente
in het noordelijke topje van Nederland."
De Avro zond het Amsterdamse concert uit. Klaarblijkelijk werd de leiding
geimponeerd door de reacties van het publiek, want zij bleef aandacht
aan de Kerk besteden. In 1956 gaf zij een 25 minuten durend programma
over de Kerk. Het bestond uit een rondetafeldiscussie, geleid door een
professor van de Leidse universiteit. De gemeentepresident van Den Haag
vertegenwoordige de Kerk. Hij gaf een introductie van vier minuten,
waarna hij vragen beantwoordde, die gesteld werden door een panel van
predikanten van verschillende stromingen in Nederland. De welwillende
houding van de Avro tegenover de Kerk bleek ook uit televisiefaciliteiten.
In 1963 zond de Avrotelevisie een programma van twintig minuten uit,
getiteld "Meer dan muziek". Een kwartet van Mormoonse zendelingen
zong een medley van Nederlandse kinderliedjes, bekend bij iedereen in
Nederland. Later was er een vraaggesprek tugsen de locovoorzitter en
de Nederlandse Zendingspresident, Don Van Slooten. Zij discussieerden
over de basisprincipes van de Kerk. Het programma eindigde met het getuigenis
van de leden van het kwartet.
bron: Heiligen der Lage Landen - Bij Koninklijk Besluit