
GESCHIEDENIS NEDERLANDSTALIG TIJDSCHRIFT VAN DE KERK
Al in 1896 waren er in Nederland voldoende leden van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen om het uitgeven van een eigen maandelijks tijdschrift te rechtvaardigen. Dat werd niet meteen door de hoofdzetel van de kerk gedaan, want dat zou nog jaren duren. Het oorspronkelijke initiatief lag bij de plaatselijke zendingspresident, Geo. S. Spencer, die de eerste was om De Ster, het 'maandelijksch Tijdschrift van de Heiligen der laatste Dagen', uit te geven.
'Voorrede' eerste editie:
'Door de hulp en den zegen des Heeren is het ons mogelijk geworden, den eersten jaargang van "De Ster" te voleindigen. Het is ons doel geweest, om ook door dit middel de naar waarheid zoekende zielen de blijde boodschap van het in onze dagen van den hemel herstelde Evangelie van Jezus Christus te verkondigen (...).'
Het tijdschrift bevatte vertalingen van toespraken van de president van de kerk, boodschappen van de zendingspresident, vermeldingen van gearriveerde en vertrokken zendelingen, ontheffingen en aanstellingen, en ander nieuws.
In 1911 werd voor het eerst 'De Nederlandsch-Belgische Zending' als uitgever vermeld in plaats van alleen de naam van de zendingspresident, vervolgens werd dat 'De Nederlandsche Zending', en in 1936 werd het uiteindelijk wat algemener, en werd als uitgever 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen in Nederland' vermeld.
In de Tweede Wereldoorlog vielen er enkele jaargangen uit, om voor de hand liggende redenen.
Tot en met februari 1967 was De Ster op papier van ongeveer A5-formaat gedrukt, maar in maart 1967 kwam daar verandering in, en werd het A4-formaat. Vanaf dat moment had het ook de ondertitel 'Officieel orgaan van de Nederlandse Zending en de Hollandse Ring'. Ook qua redactie ondering het een verandering, want de aansturing van de inhoud kwam vanaf dat moment uit Salt Lake City. Het is dan ook makkelijk te zien dat de inhoud vanaf dat moment wat strakker en uniformer werd. In 1973 werd de aansturing vanuit Salt Lake City nog duidelijker toen er alleen nog maar de naam van de kerk in stond, en de Nederlandse zending of Hollandse ring op geen enkele wijze meer werden genoemd in de colofon.
De algemene artikelen werden aangeleverd vanuit Amerika, vertaald in Nederland, en gedrukt in Duitsland. Alleen de zogenaamde pagina's met 'plaatselijk nieuws' werden in Nederland geschreven, van lay-out voorzien en in Duitsland gedrukt en toegevoegd. Dat veranderde eind twintigste eeuw, toen Nederland alleen nog maar een klein stukje zelf mocht schrijven, en zelfs de lay-out van die zogenaamde 'plaatselijke' pagina's (officieel 'Kerknieuws' geheten) in het buitenland werd gedaan.
De meest opvallende ingreep vanuit de hoofdzetel van de kerk kwam in 1999, toen men daar besloot dat alle internationale kerktijdschriften dezelfde naam moesten gaan dragen: Liahona. Die verandering ging in met het eerste nummer van het jaar 2000. Heel toevallig was dat het eerste nummer na precies honderd jaargangen van De Ster. En die naam Liahona draagt het tot op heden.