MvG logo www.mvgcontact.org

Met onze kinderen praten

Home


Seksualiteit aanvaarden als bron van intense vreugde in een sfeer van openheid en verantwoordelijkheid draagt bij tot eerbied voor het leven.

Een vijfdelige Sunstone-serie over seksualiteit in het leven van heiligen der laatste dagen: "Opdat zij vreugde mogen hebben" (2 Nephi 2:25)

Bang in het donker?
Met onze kinderen praten

door Stephen Carter

Jaren geleden verzamelde onze bisschop alle volwassen leden in de kapel en wilde met ons spreken. Onze bisschop was een heel aardige en zachtmoedige man en hij nam zijn taak om zijn kudde op het nauwe en rechte pad te houden uiterst serieus.
Het lijdt geen twijfel dat hij zich voor 100% voor zijn roeping inzette en die bewuste dag maakte hij zich zorgen over de jeugd. Hij gebruikte doorgaans standaard-uitdrukkingen als: "een Internetaansluiting zonder toezicht betekent pornografie", "ik verwijder advertenties voor damesondergoed uit de krant voordat mijn gezin de krant leest", "onze kinderen zouden thuis geen privacy moeten hebben".
Hij had er geen probleem mee om de slaapkamers van de kinderen te doorzoeken; in bureauladen, onder matrassen, in de klerenkast - overal waar mogelijkerwijs damesbladen met hun advertenties voor lingerie verstopt zouden kunnen worden.
Hij raadde ons aan geen enkele verleiding waar dan ook in onze woningen te dulden, opdat onze jeugd niet tot zonde zou worden verlokt. "Stel je voor dat je de hele dag hebt gevast, en plots zie je daar een lekker gebakje op tafel; dat is toch zeker een verleiding." Mijn vrouw fluisterde in mijn oor: "Zo te horen zijn er heel wat lege magen ..." En toen ze dat zei dacht ik weer terug aan de tijd dat ik zelf een tiener was, boordevol hormonen, soms slapeloos omdat ik bang was dat ik 's nachts zou bezwijken en temidden van vuur en vlammen wakker zou worden en naar de hel zou gaan. Achteraf bracht me dat in verlegenheid, want uit gesprekken met leeftijdsgenoten bleek eigenlijk gewoon dat mijn jeugdjaren niet veel van die van anderen afweken. Mijn vrouw vond mijn angstige tienerjaren nogal neurotisch en overdreven. Maar die dag werd ze geconfronteerd met wat ik als jongen ervoer: leiders die Satan overal op de loer zagen liggen in het donker. Dus vroeg ik me af: waarom zijn zoveel kerkelijke vermaningen aangaande mijn seksuele gevoelens als tiener gekoppeld aan Satan? Waarom worden deze gevoelens steeds weer als duister en verboden afgeschilderd? Soms lijkt het dat we er als Mormonen vanuit gaan dat wanneer iemand een donkere plek betreedt, die persoon tot zonde geneigd is.
Immers: in Lehi's droom was er duister in het landschap rondom de Boom des Levens, en degenen die daarin afdwaalden gingen verloren.
Wat treffen we aan in het donker?
Zal de duisternis ons werkelijk opslokken? Een vraag die me lang bezighield, dus ik besloot die duisternis eens aan een nader onderzoek te onderwerpen.

Het grootste deel van mijn leven was ik van mening dat de meeste films voor volwassenen een plaag voor de mensheid betekenden; het voorportaal van de hel.
Immers, in de kerk groeide ik op met de "vergiftigings"-metafoor, de gedachte dat boeken, afbeeldingen en films eigenlijk als "lood" zijn; eenmaal in je, vergiftigen ze je en krijg je ze er nooit meer uit. Een uitspraak van Ezra Taft Benson: "De gedachtenstroom waardoor vuilnis stroomt is nooit dezelfde meer."
(Ezra Taft Benson, "To the Youth of the Noble Birthright" - Ensign, May 1986.)
Echter, tijdens m'n universiteitsopleiding studeerde ik voor tekstschrijver voor theaterproducties en merkte dat sommige "films voor volwassenen" geen enkele notie hadden van hun smerigheid, terwijl ik diep onder de indruk was van hun verhaal en morele visie. Ik had natuurlijk alleen de teksten gelezen; wie weet wat voor een effect het daadwerkelijk bekijken van dergelijke films op me zou hebben ...
Maar ik was geintrigeerd door de mogelijkheden in het verhaal dat ze te vertellen hadden en voelde dat deze me iets te bieden hadden. Dus, met m'n eeuwig zieleheil onder de arm, betrad ik de duisternis van de bioscoop.
Ik zal nooit het gevoel van morele verplettering en vernieuwing vergeten bij het bekijken van Seven, Monster, en Requiem voor een Droom. Noch het diepe inzicht in het slagveld en het heiligdom van het gezinsleven in Ordinary People en You Can Count On Me. Of de manier waarop Kadosh en Heaven verbazingwekkende alternatieve geestelijke inzichten opleverden. Ik merkte dat het verhaal van de betere films die ik zag, me in miljoenen stukjes braken, mijn veronderstellingen uiteen deden spatten en knaagden aan de wortels van mijn opvattingen over moraliteit, en me d.m.v. een vernuftig opgebouwde climax lieten zien dat de wereld groter is dan ik had gedacht. Waarom duurde het zolang voordat ik doorkreeg hoezeer mijn ziel deze verhalen nodig had? Waarschijnlijk deels omdat ik dacht dat een "onbetamelijke" scene in een film me als het ware uitdaagde: "Als je dit zonder verweer aan je voorbij laat gaan, dan accepteer je daarmee het morele niveau dat ze vertegenwoordigt. Je laat het bewust een deel van je worden, en als je dat toelaat ga je de wereld onder mijn invloed zien."
M.a.w. ik zag het bioscooppubliek als een menigte met open monden en die zonder slag of stoot alles maar accepteerden wat ze werd voorgeschoteld, en de enige manier om dat tegen te gaan was de film uit te doen of het vertrek te verlaten.
Maar ik heb een nieuwe theorie ontwikkeld: films zijn verhalenvertellers, geen hypnositeurs. Ze geven hun visie op de wereld, maar het is aan mij, de toeschouwer, uit te maken wat ik er van denk.
Films verschaffen een metafoor over ons leven, waardoor ik de wereld in een ander perspectief kan zien en ideeen of beelden uit allerlei verschillende oogpunten kan bekijken. Maar nooit krijgt het verhaal vat op me, tenzij ik het toelaat.
M.a.w. ik eet alleen wat ik wil eten.
Bij het ontwikkelen van die visie kreeg ik hulp van buitenaf. Eugene England was de eerste die ik vraagtekens hoorde zettten bij de "vergiftigings"-metafoor, en een paar vrijzinnige HLD vrienden spraken over films die ze bewonderden. Maar van officiele kerkelijke zijde leverde het slechts bezorgde blikken op mijn tempelaanbeveling op.

Mogelijkerwijs zijn er veel mormoonse tieners die zich in een dergelijk moeilijk pakket bevinden als ik destijds, toen ik met mijn uitstapjes naar "films voor volwassenen" begon. Ook zij weten zich op een "duistere" plek; een groeiend besef van seksuele bewustwording. Dat is niet iets waar ze voor kiezen, maar gedwongen worden over na te denken. Voorzover ik weet benaderen de officiele kerkelijke kanalen momenteel alles wat met seks en tieners te maken heeft als zondig.
Als seksualiteit met de jeugd besproken word gebeurt dit alleen in negatieve bewoordingen. Nu begrijp ik heus wel dat seksueel verkeer een complexe zaak is met heel wat meer gevolgen dan de argeloze beginneling door heeft. Ik begrijp dus ook waarom we aarzelen om jonge mensen los te laten op dat gebied.
Zelf had ik geen seks voor het huwelijk uit angst voor de hel (en een hinderlijke huidaandoening). Alhoewel ik blij ben dat ik ermee wachtte, besef ik nu dat ik door angst werd gedreven. Ik zag seks als het rijk der godinnen, een hemel op aarde, een vrucht die boven alles te verkiezen was. Maar ze bevond zich op de meest duistere plaatsen. Als ik er in de buurt van kwam, zo leerden m'n kerkelijke leiders me, zou ik een zonde bedrijven die bijna net zo erg als moord zou zijn.
Stel je voor .... ik voelde me aangetrokken tot de bijna ergste zonde die er is!
Ik fantaseerde erover. Ik wilde het meer dan wat dan ook.
Slechts mijn lelijkheid en angst voor verdoeming weerhielden me van het toegeven aan de wellustigheid des vlezes, maar de angst had haar uitwerking.
Ik had geen seks voordat ik trouwde. Valt daar iets voor te zeggen? Waarschijnlijk wel. Maar ik heb nog een ander verhaal: dat van mijn broer.
Hij is een ongehuwd vader, heeft een scheiding achter de rug, maar heeft een hart van goud. Door schade en schande wijs geworden vertelde hij erover vele jaren later. Over een feestje waar hij was en over de hoeveelheid drank die hij naar binnen werkte, zich nauwelijks bewust van de gevolgen. Hij werd de volgende morgen wakker in een vreemd bed naast een jonge vrouw die hij nog nooit eerder had ontmoet. En daar begon het mee: mijn broer betrad een duistere plek, een zondige plek volgens zijn kerkelijke omgeving. De Kerk en zijn ouders namen hun verantwoordelijkheid serieus om hem op te voeden, en waarschuwden hem zover mogelijk van dergelijke plaatsen weg te blijven. Dus bleef hem maar een invalshoek om het duistere te benaderen: de invalshoek van het zondige.
En destijds had hij wel oren naar proefondervindelijke zonde.
Hij was op zoek naar zijn eigen identiteit, los te komen van zijn ouders. En het feestje was een plek waar hij zich aan hun invloed kon onttrekken. Maar hij wist zich niet door een dergelijke situatie heen te navigeren. "Als ik geweten had wat voor 'n effect de drank op me zou hebben", zei hij. "Ik wilde nu ook weer niet zo dronken worden!" Mijn broer was niet op zoek naar verloedering, hij was gewoon op zoek. Ik begreep hem maar al te goed. Op het eerste gezicht leek het een zucht naar seks en sensatie. Maar onder het oppervlak zien we net als bij de films, een groter verband. Het grotere verband is een verlangen naar de betekenis van de dingen die verder reiken dan het gewone, het alledaagse; een verlangen naar het bovenaardse, naar de hemel zelfs.
Maar hoe kunnen we dergelijke betekenissen ontdekken als we ons daar verre van houden? Dante kon alleen via de hel de hemel bereiken, maar er was geen legendarische Virgilius om mijn broer veilig te loodsen.

Mijn zoontjes zijn tien en acht jaar oud. Ik houd van ze en wil dat ze gelukkig opgroeien en hen leren constructieve besluiten te nemen in hun leven. Ze zijn nog geen tieners, maar het gaat hard, en voor je het weet is het zover. Ook zij zullen geestelijke en lichamelijke verlangens ontdekken die hen op een ontdekkingsreis willen nemen, en ik wil er voor ze zijn als vader.
Mijn bisschop zag Satan op de loer liggen naar de jeugd. Hij zag de jeugd als het ware staan in de nabijheid van de Boom des Levens waar de donkere mist der duisternis hen omringt, een gemakkelijke prooi voor de duivel.
Wat is er eigenlijk in die duisternis?
In de film Sixth Sense geschreven en geregiseerd door M.Night Shyamalan, word Cole, een jongeman, bezocht door zieke geesten in verschillende stadia van ontbinding en logischerwijzer verontrustte hem dat. Niemand wil 's nachts wakker worden met het beeld van een vrouw met een verbrijzeld achterhoofd; noch zoals Cole, op weg naar school geconfronteerd worden met opgehangen lichamen. Maar zijn mentor, Dr. Malcolm Crowe, begint zich af te vragen of de duistere geesten hem wellicht iets duidelijk willen maken. Hij spreekt Cole moed in, ondanks zijn begrijpelijke angst, en zegt hem naar de geesten te luisteren. En het blijkt dat deze hem inderdaad iets te vertellen hebben. Ringu, een japanse horrormovie, in de VS herbewerkt als The Ring, heeft een soortgelijk thema. Een verslaggeefster onderzoekt hoe een aantal mensen op mysterieuze wijze aan hun einde komen en komt tot de ontdekking dat ieder slachtoffer een week voor zijn of haar dood een bepaalde videofilm had bekeken. De verslaggeefster bekijkt de video samen met haar zoon. Na afloop worden ze beiden bezocht door een duistere geest die ze waarschuwd voor hun naderende ondergang. Tegen het eind van de film ontdekt ze dat de enige manier om aan de vloek van de video te ontsnappen is: er een kopie van te maken, deze aan anderen door te geven, waarmee de vloek eveneens op die ander zou overgaan. De film legt niet uit hoe de oorspronkelijke video tot stand kwam - het zou aan het verhaal hebben kunnen bijdragen - maar vertelt hoe de geest van een vermoord meisje haar verhaal wil vertellen, opdat men zich haar zou herinneren en zou beseffen hoe zij stierf. Alhoewel niet erg vergevingsgezind t.o.v. de mensen die haar vreemde verlangen niet begrijpen, kunnen we ons haar drang daartoe voorstellen. In deze verhalen is de manier om de vloek van bedreigende geesten te ontlopen niet het uitwerpen ervan d.m.v. het priesterschap, of door bekering en het zich wenden tot een hogere macht. Het gaat er om naar de bron van de vloek te gaan, de duistere geesten te erkennen voor wat ze zijn en met hen te communiceren. Hun verhalen zijn niet altijd even plezierig, maar vaak wel erg noodzakelijk. Een mentor zei eens tegen me: "De plekken die ons het meest verontrusten, zijn de plekken die we verder moeten onderzoeken."

Uit eigen ervaring weet ik hoe het voelt op te groeien omringd door een duistere onuitgesproken honger. Het beangstigde mij en waarschijnlijk mijn ouders en kerkleiders eveneens. Het bleef een onuitgesproken duistere honger die aan zonde werd gekoppeld, waardoor ik zeker wist dat ik verdoemd was.
Ik ben eigenlijk nog maar net begonnen aan het onderwijzen van mezelf als het gaat om donkere plekken nader te onderzoeken. Maar het duister rond seksuele verlangens voor het huwelijk is een plek die ik nog steeds niet ken. Ik kan alleen maar afgaan op mijn eigen ervaringen, en die zeggen me dat ik niet wil dat m'n kinderen bang zullen zijn in het donker. Niet dat ik ze in vleermuizen of nachtuilen of zo wil veranderen, maar misschien kunnen we de taal deels samen leren kennen om met het donkere te kunnen converseren en het duister te kunnen doorgronden.
Want donker worden doet het altijd.