Strandwandelingen
Castricum aan Zee, waar de blanke top der duinen op zonnige
dagen schittert in de zonnegloed, maar waar het ook op wat meer bewolkte
dagen heel goed vertoeven is.
Twee silhouetten die langs het strand wandelen, er staat een stevige
bries, de frisse zeelucht en het wijdse panorama doen 'n mens goed.
Broer en zus, Robert Poort en Ineke Eichelberg-Poort raken in gesprek
tijdens lange wandelingen aan het Castricumse strand. Zij is katholiek,
hij is mormoon.
In 'Strandwandelingen' praten Robert en Ineke vrijmoedig en openhartig
over hun geloof, zoals alleen 'n broer en zus uit het zelfde nest dat
kunnen...
Sterven en Eeuwig Leven
Ineke - Gisteren had ik weer een gesprek met de enige
mormoonse bewoner van ons zorgcentrum Schalkweide (ongveer 80 jaar).
Ze wordt nog iedere zondag opgehaald door mensen van haar gemeente,
maar in het huis treft ze niemand die belangstelling heeft voor haar
geloof. Als ze er al over begint, vinden mensen het vreemd en eng. Dit
wordt nog versterkt doordat zij, als gevolg van Parkinson een starre
gezichtsuitdrukking heeft en een beetje slepende manier van praten.
Ze vindt het geweldig als ik kom praten, vooral omdat ik haar verteld
heb dat ik een mormoonse broer heb. Ze weet zelf heel veel van haar
geloof en de achtergronden. Ze leest dagelijks stukjes uit het Boek
van Mormon, dat de hele dag op tafel ligt.
Samen spraken we over alles wat de RK kerk gemeen heeft met de Mormoonse
kerk: rituelen (verordeningen), het priesterschap (dat ook bij jullie
niet voor vrouwen is weggelegd), het feit dat het beide wereldkerken
zijn.
Mooi was dat ze aan onze gezamenlijke ziekenzalving heeft meegedaan,
omdat ze nieuwsgierig was hoe dat in de Rk kerk in zijn werk gaat.
Rob - Wat fijn dat er in het zorgcentrum Schalkweide
iemand is die op positieve wijze het 'Mormonisme' vertegenwoordigt.
Doe haar de hartelijke groeten van me. Fijn ook dat de plaatselijke
gemeente de moeite neemt om haar 's zondags op te halen. Vertel eens
wat meer over de ziekenzalving en over wat ik me herinner als het Heilig
Oliesel. Ik stel me ook zo voor dat in een zorgcentrum als Schalkweide,
en vooral vanuit jouw geestelijke betrokkenheid daarbij, er altijd belangstelling
bestaat van gedachten te wisselen over zaken als ouder worden, lijden
, sterven en eeuwig leven.
Praten over sterven en hiernamaals is ook een heel goede manier om aan
te geven op wat voor verschillende manieren mensen 'aan het geloven
zijn', benadrukt ook nog eens de bekende tegenstelling tussen letterlijk
en figuurlijk geloven. De titel van het klassieke werk van C.S.Lewis:
"De Grote Scheiding", spreekt dan ook boekdelen, het is een
van mijn favoriete boeken waarin de schrijver prachtig illustreert hoe
we ons de overgangsfase naar het eeuwige kunnen voorstellen. De tegenstelling
tussen letterlijk en figuurlijk geloven is helaas voor velen 'n probleem
en heeft vaak een polariserende werking binnen religieuze groeperingen.
Persoonlijk laat ik beide harmonieus in elkaar overvloeien, zo'n beetje
als een symphonieorkest waar alle instrumenten aan bod komen, soms middels
een solopartij, dan weer in een prachtig melodieus geheel. Ik benader
alles symbolisch omdat dat altijd verhelderend en inspirerend kan zijn,
en aanvaard alles letterlijk totdat e.e.a. absoluut niet meer houdbaar
is. Tot op heden kan ik er een heel goed evenwicht bij bewaren, en ik
voel me er prima bij. Ik denk ook glimlachend aan de uitspraak van Freek
de Jonge: "Geloven is zeker weten dat je twijfelt." Ook geloven
in het hiernamaals valt hieronder. We hebben de diepmenselijke behoefte
aan een concreet hiernamaals en laten onze fantasie de vrije loop het
eeuwige te 'creeren'. Sterven is inderdaad een kunst en vraagt derhalve
om een kunstzinnige expressie en 'n levendige fantasie! Uiteindelijk
weten we natuurlijk vrijwel niets van wat voorbijgaat aan de grenzen
van het menselijke, maar er bang voor zijn of er niet over te speculeren
en te fantaseren lijkt me funest voor de menselijke geest. Voor de meeste
'ongelovigen' is dat dan ook inderdaad het geval; men kan en wil zich
niets voorstellen bij 'het doodgaan' en vindt de hele materie maar een
'morbide' aangelegenheid. Maar ook veel gelovigen hebben vaak geen behoefte
er al te diep over na te denken, men laat dat liever aan de kerkelijke
leiding over!
Ikzelf voel me heel gelukkig met de
mormoonse 'vertrouwelijkheid' met de dood.
Als achteraf blijkt dat we ons hebben vergist over het hiernamaals (maar
ik zou niet weten hoe dat zou moeten blijken) dan heeft ons fantasierijke
geloof ons tenminste steun gegeven tijdens ons aardse bestaan. Ook de
atheistische benadering van het sterven is in feite 'n geloof waar ik
me ook best in vinden kan: sterven als een uitgebloeide bloem, wiens
zaad achterblijft voor een volgende generatie in het volgend voorjaar,
of tot voedsel voor een vogel. Als we er maar over blijven nadenken
en speculeren, want op het moment dat we dat niet meer doen wordt het
hier een wel heel dooie aangelegenheid.
De mormoonse 'genealogische' benadering met de daaraan gekoppelde tempelrituelen
is een schitterend voorbeeld van hoe we onze genegenheid voor onze dierbare
overledenen tot uitdrukking kunnen brengen. Elke genealoog, ook de niet-mormoonse,
kan geestdriftig over zijn verbondenheid met de overledenen spreken,
en de verordeningen die 'plaatsvervangend' in mormoonse tempels worden
verricht, geven op prachtige wijze uitdrukking aan ons verlangen te
mogen worden herenigd met onze geliefde ouders en voorouders, met alle
mensen, en uiteindelijk met God.
Ineke - Ik zal, als reactie op jouw overweging over de overgang
van dit leven naar een hiernamaals, iets vertellen over het zevende
sacrament, wat in onze jeugd nog genoemd werd: het heilig Oliesel.
In de Oude kerk heette het sacrament: ziekenzalving, vandaar dat na
Vaticanum II deze naam in ere hersteld is. De bisschop of priester wijdde
deze olie. In ons bisdom Haarlem wordt op woensdag in de Goede Week
de olie voor het hele jaar gewijd. Drie grote vaten staan voorin de
kathedraal. De eerste bevat de olie waarmee de dopelingen gezalfd worden,
de tweede bevat de olie voor de jongeren die gevormd worden (het heilig
chrisma), en in het derde vat zit de olie voor de ziekenzalving. Vertegenwoordigers
van elke parochie of kapel komen die olie in ontvangst nemen. In de
paaswake op de vooravond van Pasen wordt die olie dan weer overhandigd
aan de voorganger. In de paasnacht worden immers vanouds de doopleerlingen
gedoopt en gezalfd. Zo is de RK liturgie een prachtig, zinvol en veelzeggend
geheel waarin allerlei rituelen het mysterie van het geloof symbolisch
uitdrukken en tegelijk het geloof versterken.
Maar nu verder over de ziekenzalving: in oude tijden namen de christenen
die gewijde olie mee naar huis en gebruikten ze bij allerlei ziekten
als medicijn. Ze zalfden zich ermee of dronken ervan. De bediening van
de zalving was nog niet voorbehouden aan de priester, zoals nu.
De nadruk lag nog op de lichamelijke genezing, in de tweede plaats pas
op de geestelijke uitwerking en op de vergeving van zonden.
Pas veel later komt dit sacrament in de sfeer van boete terecht. Er
komt dus een belijdenis van zonden bij. En aangezien alleen de priester
namens God zonden mag vergeven, mocht dus alleen de priester de ziekenzalving
bedienen ( vandaar dat in de volksmond wordt gezegd: "Hij is bediend").
Tegenwoordig is het boete-aspect weer wat minder sterk. het gaat vooral
om de steun en bemoediging van God, de ervaring van Zijn nabijheid,
juist in pijn en lijden.
De belangrijkste bijbelse verwijzing naar het zalven van zieken staat
in de brief van Jacobus (5, 14-15).
Het sacrament bestaat uit verschillende rituelen: handoplegging, zalving
van hoofd en handen, vergeving en gebed. De ziekenzalving is gericht
op leven. We vertrouwen de zieken toe aan God. Het kan zijn dat de zieke
sterft en het nieuwe Leven tegemoet gaat, het kan ook zijn dat hij weer
gezond wordt: het gaat in beide gevallen om leven.
Het sacrament kan zowel individueel aan zieken en stervenden
als aan een hele groep mensen tegelijk worden toegediend.
Rob, wil je me nu vertellen hoe de zalving in jouw kerk in zijn werk
gaat ? Ik weet dat bij jullie de rituelen geheim blijven ( de 'disciplina
arcani': je dient te zwijgen over hetgeen je heilig is, een principe
wat in de oude kerk al gold !), maar misschien kun je een tipje van
de sluier oplichten ?
Rob - Opmerkelijk hoeveel overeenkomsten er zijn in de benadering
van het zegenen/zalven van zieken. En wat een prachtige symbolische
werking en helende versterking voor het individu! Allereerst, wat betreft
de tempel-verordeningen: "zwijgen over hetgeen je heilig is"
geldt vooral in situaties waar men in 't algemeen geen 'paar'len voor
de zwijnen wil gooien' maar in een serieus gesprek lijkt me juist het
omgekeerde het geval: begeesterd spreken over hetgeen je heilig is!
Overigens bestaat er, ook en vooral onder Mormonen, een diepgeworteld
misverstand over de geheimhoudingsplicht m.b.t. het tempelgebeuren.
Tempelgangers verplichten zich slechts m.b.t. een heel klein deel van
de tempel-verordeningen tot geheimhouding, voor het overige heeft men
zichzelf vaak eigenlijk ongeschreven geheimhouding
opgelegd, men ervaart dit als een zekere mate van eerbied voor de verordeningen.
Aan de andere kant draagt deze zelf-opgelegde verplichting bij tot een
totaal onnodige sfeer van geheimzinnigheid rond het tempelgebeuren.
Soms ook voorziet 'n dergelijke opstelling in een bepaalde
behoefte; als diepgelovige beschermer te zijn van exclusieve rituelen
die oningewijdenen onthouden moet worden. Allemaal heel fijn, maar heeft
weinig te maken met de realiteit van de tempel die juist uitnodigt tot
nadere kennismaking en zelfs verlossing van dierbare overledenen! Het
complete tempelgebeuren, inclusief de details die men heeft beloofd
niet met anderen te delen, is overigens publiekelijk beschikbaar middels
verschenen literatuur en zelfs op het Internet.
Het Mormonisme kent, maar dit staat volledig buiten het tempelgebeuren,
verder het zegenen van zieken (met
of zonder gewijde olie).