MvG logo www.mvgcontact.org

Samen op Weg

Home



Wen Miao, Shanghai's Confuciaanse Tempel 

Mormonisme een oosterse religie?
door Melissa Wei-Tsing Inouye


Melissa Wei-Tsing Inouye studeert Chinese Geschiedenis aan de Harvard Universiteit. Ze woont momenteel met haar gezin in Nanjing in China, waar zij werkt aan een proefschrift over de "True Jesus Church".

Zuster Li en ik fietsten heel wat af in de avondlijke maneschijn door nauwe steegjes, en door muggen achtervolgd rond onze verplichte fietshelmen. In Taiwan is het dag en nacht heel warm en vochtig, en onze blouses voelden nat aan op onze schouders terwijl we van deur tot deur gingen. De dicht op elkaar gepakte woonblokken hadden allen massief ijzeren toegangshekken en vormden een extra psychologisch obstakel aan het eind van een lange en nogal ontmoedigende dag.
Toen zagen we het. Een sticker op zo'n ongastvrij ijzeren hek:
"Geen enkel succes weegt op tegen falen in het gezin."
Ons hart juichte: we waren onder vrienden!
Hier, midden in het stedelijke, verafgelegen Taiwan, vonden we een mormoons bruggehoofd! Vol verwachting belden we aan. Na enkele ogenblikken en na meer muggen ging de deur open. Binnen zagen we een donkerrode gloed rond een altaar.
"Sorry, we zijn Boeddhist", zei de man enigzins geergerd.
"Maar die sticker?" vroegen we.
"O ja", en zijn gezicht lichtte op: "van iemand gekregen, goed he?"
Hij glimlachte en deed de deur weer dicht.

Tijdens mijn zending begreep ik later dat de betreffende "succes in het gezin" stickers heel populair zijn in de Taiwan-Zending. Zelfs gezinnen die geen belangstelling hebben voor het dunne blauwe boekje van de zendelingen vragen naar de kleine blauwe sticker. Je ziet ze overal: op deuren, auto's en scooters door heel Taiwan. De ontmoeting met de man aan de deur die zowel de leer van Boeddha als van Confucius aanhing (dit laatste omdat hij de bekende uitspraak van een mormoons profeet op z'n hek had geplakt) illustreert slechts een van de vele raakvlakken tussen Mormonisme en Oosterse Religie waarmee ik in China en Taiwan in aanraking kwam gedurende tien jaar als studente, zendelinge, en wetenschappelijk onderzoekster. Ik bestudeerde verschillende oosterse religies zoals Taoïsme, Boeddhisme, Confucianisme, en Chinees Christendom, en het ligt voor de hand dat ik ze vergeleek met mijn eigen Mormoonse geloof. Zoiets als kinderen die tijdens de luchpauze op school kijken wat andere kinderen op hun boterham hebben. Dergelijke vergelijkingen wekte bij mij de indruk dat het Mormonisme - ondanks haar Amerikaanse en Westerse historische achtergrond - meer op een oosterse dan op een westerse religie lijkt. Die gedachte werd me aan de hand gedaan door John Lundquist, bibliothecaris van de New York Public Library - afdeling Azie en Midden-Oosten. Hij is een expert op het gebied van Boeddhistische Tharavada tempels en zelf ook een heilige der laatste dagen.
Er zijn heel wat leerstellingen die heiligen der laatste dagen niet met het Westerse Christendom gemeen hebben, maar overeenkomen met andere religieus-filosofische tradities zoals Taoïsme, Boeddhisme, Confucianisme.
Ook ironisch is het dat ik ontdekte dat er een autochtone chinese kerk bestaat wiens ontstaansgeschiedenis precies lijkt op de eerste discussie die ik als zendelinge twee jaar in Taiwan ontelbare malen had gegeven.
Kortom, de wereldbeschouwing en veronderstellingen van het Mormonisme spreken dikwijls meer mensen aan in Taiwan dan in Tennessee. In dit artikel zal ik proberen enkele oosterse geloofstradities te beschrijven, en een aantal vergelijkingen trekken met in gedachte de uitspraak van Joseph Smith dat Mormonen zich richten op alle waarheid, waar deze ook gevonden kan worden.

Taoïsme

Het opvallende in het verhaal van het Eerste Visioen - een detail waar Christenen soms verontwaardigd op reageren - is dat Joseph Smith God de Vader en de Zoon Jezus Christus als twee belichaamde wezens aanschouwde: als twee personen!
Toen ik de eerste discussie aan een Taoïstische priesteres gaf in Taiwan, inclusief dat detail, was ze het echter helemaal met me eens en zei met tranen in haar ogen: "Ja, dat geloof ik absoluut. Ik heb God zelf ook gezien; het was wonderbaarlijk."
Taoïsme, ook wel Chinees Volksgeloof genoemd, dateert waarschijnlijk uit het begin van de chinese beschaving, duizenden jaren voor Christus, is een "Pantheon" aan Goden (verbonden aan de geesten van machtige voorouders) en verleent hulp en bijstand aan degenen die er in gebed en offerande om vragen.
Het kunnen historische en mythische goden zijn, of beschermende goden, zoals bijvoorbeeld de "god van de stad". In veel gevallen begonnen dergelijke goden als sterfelijke, menselijke wezens en als Goden behielden ze hun nadrukkelijke - menselijke - uiterlijke vorm. Het Taoïsme kent honderden wonderbaarlijke verhalen over bepaalde onsterfelijke wezens die aan stoffelijke mensen verschijnen om ze van hulp en instructie te voorzien. Vanuit de zienswijze van de priesteres was het volkomen aanvaardbaar dat de Vader en de Zoon aan Joseph Smith verschenen als een antwoord op zijn gebed; ze zou zelf niet anders verwacht hebben.
Soortgelijk is ook de uitspraak : De mens is zoals God eens was, en God is zoals de mens eens kan worden - godslastering voor de meeste Christenen - heel toepasselijk op het Taoïsme onder het chinese volk; in de derde eeuw werd de generaal Guan Yu tot "godverklaard", en gedurende de eeuwen die daar op volgden werden voor elke generatie de voorouders steeds belangrijker.

Boeddhisme

Er is nog een geloofstraditie die sterk met het Mormonisme overeenkomt als het gaat om de benadering van de wereld en het heelal: het Boeddhisme.
Het Boeddhisme gaat uit van de bekende en fundamentele gedachte dat de wereld vol lijden is, en dat de bron van al het lijden is: hechting en verlangen, en dat de manier om zich van het lijden te bevrijden, onthechting is. Dit is de oorspronkelijke leer van de historische Boeddha Siddhartha Gautama, waarvan wordt aangenomen dat deze leefde tussen 563 en 483 voor Christus. Maar het meest opvallende is de leer van de latere Mahayana-traditie die haar oorsprong vond in dit oorspronkelijke Boeddhisme en zich in het Verre Oosten verspreidde, nl. de leer dat ieder wezen met een bewustzijn de Boeddha-natuur in zich draagt en dientengevolge potentieel een Boeddha kan worden. M.a.w. iedereen kan een 'Bodhisattva' zijn: iemand die er naar streeft een Boeddha te worden. Aldus zijn alle praktiserende Mahayana Boeddhisten 'Bodhisattva's', net zoals alle leden van de Kerk 'Heiligen' zijn. Als Heiligen der Laatste Dagen het hebben over het 'geestelijk potentieel' van ieder mens, bedoelen zij dat ieder mens letterlijk een god of godin kan worden en werelden kan scheppen voor geesteskinderen. Zo geloven Mahayana Boeddhisten ook dat ieder mens het potentieel heeft om een Boeddha te worden, werelden te scheppen, deze te bevolken, en wezens met een bewustzijn te onderwijzen. Het Mahayana Boeddhisme leert dat Siddharta Gautama, de historische Boeddha, eerder was gereincarneerd als gewoon mens voordat hij zijn eigen Boeddha-natuur bereikte.
Het spreekt voor zich dat de leer van vele Boeddha's heel wat polytheistische gevolgen heeft: de Boeddhistische kosmos bestaat uit ontelbare Boeddha-werelden die allemaal geschapen en geregeerd werden door ontelbare Boeddha's.
Dat doet ons denken aan onze eigen opvatting over werelden zonder einde en aan de goden die ze schiepen en beheerden. De Mormoonse leer van graden van heerlijkheid (celestiaal, terrestriaal, telestiaal) en het gescheiden zijn van God (geestelijke gevangenis, buitenste duisternis) lopen parallel met het Boeddhistische begrip van meerdere niveau's van zowel hemel als hel. Net zoals het Mormonisme, die de uiterst belangrijke rol van aardse ervaringen en het van fouten leren benadrukt als onderdeel van iemands geestelijke en eeuwige ontwikkeling, bevestigt het Mahayana Boedhisme het nut van onvolmaaktheden en aardse verleidingen als vruchtbare grond t.b.v. onze zaligheid (bevrijdende onthechting).
Zo is er bijvoorbeeld een categorie van Bodhisattva's die bestaat uit verlichte wezens wiens onthechting (van verlangen en lusti van allerlei aard) hen buitengewone macht verleent. Dergelijke wezens kunnen zich naar believen volledig uit de wereld terugtrekken om een streng bestaan als kluizenaar te leiden en Nirvana te bereiken.
Vervuld van medeleiden kiezen zij er echter voor om in de wereld te blijven om anderen te helpen met hun verlichting en bevrijding; m.a.w. alleen zichzelf te redden in onvoldoende; de waarlijke zaligheid houdt in deze samen met anderen te verkrijgen.
Er zijn ook overeenkomsten tussen onze gebedshuizen. Net zoals Mormonen kennen Boeddhisten tempeldiensten met rijke symbolische afbeeldingen, ruime vertrekken, en plekken voor ritueel. Hoe verder men zich in een Boeddhistische tempel begeeft, des te heiliger de omgeving waarin men zich bevindt.
Wanneer iemand een plechtige, geritualiseerde verplichting op zich neemt om naar de hoogste idealen van het Boeddhisme te leven, ontvangt de persoon in kwestie een nieuwe naam.
Voedselvoorschriften zijn ook een belangrijke graadmeter van Boeddhistische verbondenheid met geestelijke waarheid, en zij gebruiken het vasten om waanideeen over lichamelijke verlangens te overwinnen en zich op geestelijke realiteit te concentreren. 'Geslacht' speelt in Boeddhisme, net als in Mormonisme, een onderscheidende rol; mannen staan aan het hoofd van een duidelijke geestelijke hierarchie. Hetgeen een Boeddha tot een Boeddha maakt is o.a. het dragen van 32 merktekens, een ervan heeft onmiskenbare mannelijke karakteristieken.
Hieruit volgt dat voordat een vrouw een Boeddha kan worden, zij eerst als man moet worden wedergeboren, ongeacht hoe gelovig ze is, ongeacht of ze een godin is of een ander hemels wezen. In de praktijk heeft dat allerlei gevolgen, bijvoorbeeld in de Pratyutpanna Samadhi Sutra, een van de vroegste teksten van het Mahayana Boeddhisme, onderwijst de Boeddha vier groepen mensen: mannelijke monniken, vrouwelijke nonnen, mannelijke leken, en vrouwelijke leken, in die volgorde.
De monniken en mannelijke leken ontvangen de meeste instructie om geestelijke verhoging te bereiken, bij de nonnen en vrouwelijke leken is dat veel minder het geval, zij krijgen meer advies hoe hun geestelijke leraren te gehoorzamen.
De ongelijke geestelijke macht onder mannen en vrouwen in het Boeddhisme komt ook tot uiting in de Vimalakirti Sutra, een tekst voor leken-Mahayana Bodhisattva Vimalakirti, die aangeeft dat het Mahayana Boeddhisme superieur is aan het Theravada Boeddhisme. Het verhaal gaat dat een Mahayana godin haar superieure macht aanwendt om de man Sariputra in een vrouw te veranderen (Sariputra is een aanhanger van het Theravada Boeddhisme). Deze transformatie veroorzaakt niet alleen groot ongenoegen maar wil ook aantonen dat de geestelijke kracht van 'zelfs een vrouwelijke' Mahayana Boeddhist groter is dan van een mannelijke Theravada Boeddhist. Dit voorbeeld schetst hoe aan mannen in o.a. het Mahayana Boeddhisme grotere geestelijke macht en voorrecht is gegeven dan aan vrouwen. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat het Boeddhisme vrouwen niets te bieden zou hebben. Het tegendeel is waar: ik ontmoette heel wat Boeddhistische nonnen en vrouwelijke leken in China en merkte dat ze enorm aan hun geloof zijn toegewijd en dankbaar zijn dat ze hun toevlucht in de Boeddha mogen zoeken.
Deze toewijding van vrouwen in wat in wezen een patriarchaal en conservatief geloof is, doet denken aan de positie van veel Mormoonse vrouwen. Mormonen geloven dat zowel mannen als vrouwen de hoogste graad van heerlijkheid kunnen bereiken en in een scheppend partnerschap goden en godinnen kunnen worden, en dat zij allen kinderen zijn van een Hemelse Vader en een Hemelse Moeder. Echter, vrijwel alle Mormoonse leringen over, gebeden tot, en zegeningen van God, manifesteren zich uitsluitend d.m.v. een Hemelse Vader.
Wanneer een Mormoonse vrouw het heeft over het nabestaan en over verhoging kunnen daarbij weliswaar denkbeelden gebezigd worden als goden en godinnen, koningen en koninginnen, priesters en priesteressen, maar als e.e.a. wordt verwoord zeggen vrouwen dat zij 'als Hemelse Vader' willen worden, niet als 'Hemelse Moeder', ondanks het feit dat Hemelse Vader mannelijk is en 'geslacht' als eeuwig wordt verondersteld.
Volgens mij verlangen Mormoonse vrouwen er niet zozeer naar om in het nabestaan man te worden, maar ze zijn terughoudend om het over een Hemelse Moeder te hebben omdat er zo weinig leringen over bekend zijn en omdat de uitdrukking 'Hemelse Moeder' in verband wordt gebracht met 'bedenkelijke' zaken als feminisme, vrijzinnigheid, en excommunicatie.
Vanuit dat oogpunt is het als vrouw wellicht eenvoudiger Boeddhistisch dan Mormoons te zijn. Boeddha is immers mannelijk, punt uit. Voor een Mormoonse vrouw is het wat moeilijker zichzelf als godin in het nabestaan voor te stellen, wanneer de enige manifestatie van de godheid in haar leven mannelijk is. Als Mormoonse vrouw met heel wat Boeddhistische familie, vrienden en kennisen, merkte ik dat we veel gemeen hebben. Voor ons als vrouwen gaat het niet zo zeer om de technische, formele, liturgische en administratieve betekenis van allerlei leringen over 'geslacht' maar meer over de praktische, persoonlijke invulling van geloofservaringen van alle dag. Schriftenstudie, gebed, geestelijke ervaringen, van het avondmaal nemen, op huisbezoek te gaan, goed voor anderen te zijn, in de Tempel op symbolische wijze door de sluier in God's tegenwoordigheid te treden, en mijn kinderen te leren als Jezus te zijn; dat zijn voor mij de dingen die mijn mormoons vrouw-zijn bepalen. Dergelijke ervaringen verschaften mij altijd al grote vreugde en bevestiging in mijn geloofstraditie als Heilige der Laatste Dagen.
De Boeddhistische vrouwen die ik ken vonden eveneens een dergelijke vreugde in gehoorzaamheid aan de menselijke uitdagingen van hun geloofstraditie: het gebod om zich verre van de wereld te houden, heilig te leven, naastenliefde te ontwikkelen voor al wat leeft d.m.v. goede werken, goede gedachten, en (in sommige tradities) een volmaakt land (een hemel) op aarde te vestigen.

Confucianisme

Het ideaal van liefdevolle verhoudingen tussen de mensen dat in het Boeddhisme zo belangrijk is komt heel nadrukkelijk en stelselmatig tot uiting in het Confucianisme.
Confucianisme is geen religie, maar een humanistisch-filosofische traditie die ethisch gedrag onderwijst en een harmonieuze samenleving voorstaat. De traditie vind haar oorsprong in geschriften die dateren uit de jaren 500-300 voor Christus, die dikwijls gaan over Confucius en zijn leringen (naar overlevering tussen 551-479 voor Christus), maar kent verder ook "neo-Confuciaanse" verklarende teksten daterend tussen de 11de en 13de eeuw. Deze geschriften benadrukken allen het belang van samenbindende maatschappelijke instituten zoals gezin en familie, maar ook het belang van persoonlijke ontwikkeling en morele integriteit.
Samenleving en moraliteit kunnen worden samengevat in de zgn. "Vijf Verhoudingen": tussen heerser en onderdaan, tussen vader en zoon, tussen echtgenoot en echtgenote, tussen oudere en jongere broer, en tussen de ene en de andere vriend.
Wat ons allereerst opvalt aan deze "Vijf Verhoudingen" is, dat vier van de vijf hierarchisch zijn, men wordt geacht zich aan gezag te onderwerpen. Maar tegelijkertijd benadrukt Confucianisme wederzijdse verplichtingen binnen die hierarchische verhoudingen: de heerser behoort zijn onderdanen te beschermen, de vader zijn zoon te onderwijzen, de oudere broer over de jongere te waken, de echtgenoot zijn echtgenote in levensonderhoud te voorzien. Het spreekt natuurlijk voor zich dat in de praktijk van alle dag een dergelijke hierarchische machtstructuur zal worden misbruikt. Deze schaduwzijde van "Confuciaanse Waarden" was voor vele chineese vrouwen eeuwenlang - en tot in het moderne tijdperk - een realiteit.
Toch had de vrouw binnen het systeem haar eigen belangen en kreeg zij steeds meer zeggenschap wanneer haar zonen huwden en zij als vrouw de rol van Matriarch op zich nam over een uitgebreide familie die meerdere generaties omvatte.
Alhoewel Confucianisme in feite geen religie is, zou men over het algemeen kunnen zeggen dat de Confuciaanse en Mormoonse tradities dezelfde waarden kennen als het gaat over de rol van een hierarchie die sociale harmonie en stabiliteit verzekert, in het bijzonder in gezins- en familieverband. Beide kennen een aparte rol toe aan mannen en vrouwen m.b.t. hun macht en invloedsfeer, waarbij de man de leiding heeft en in het levensonderhoud voorziet, terwijl de vrouw zijn leiding volgt en de huishoudelijke taken op zich neemt. Echter, herhaalde waarschuwingen in de leringen van hedendaagse profeten over onrechtvaardige heerschappij, huiselijk misbruik en geweld, en over ongelijkwaardigheid in het huwelijk, lijken aan te tonen dat zowel in de Confuciaanse als in de Mormoonse geloofstraditie het ideaal van wederkerigheid gevaar loopt i.v.m. de ongelijke machtsverdeling die een dergelijke hierarchie nu eenmaal met zich mee brengt. Verder betreffen drie van de "Vijf Verhoudingen" gezins- en familieomstandigheden.
De Confuciaanse nadruk op het gezins- en familieverband als hoeksteen van de samenleving en als voorbeeld in het klein van een waarlijk morele wereld, komt aardig overeen met Mormoonse opvattingen over het belang van het gezin. In Taiwan heeft de zichzelf toegemeten rol van de Kerk als toevluchtsoord voor het gezin om te ontkomen aan de verdeeldheid en druk van de wereld een grote aantrekkingskracht (vandaar de populariteit van de uitspraak van David O. McKay in Taiwan).
De nadruk van Heiligen der Laatste Dagen op familiegeschiedenis gaat hand in hand met de eeuwenoude Confuciaanse traditie van voorouderverering door gedetailleerde, indrukwekkende genealogien bij te houden die honderden jaren terug gaan.
Met deze focus op het instandhouden van het familieverband ontstond de wijdverbreide Confuciaanse praktijk van het meervoudig huwelijk, iets waar 19de eeuwse Mormonen zeker begrip voor gehad zouden hebben.
En tenslotte kennen het Confucianisme en het huidige Mormonisme beide traditionele waarden zoals gehoorzaamheid aan ouders, een nadruk op gezinsaktiviteiten en op hechte banden met de verdere familie.
De Confuciaanse opvatting over gezins- en familiewaarden is niet alleen ouder dan de Mormoonse invulling ervan, ze geeft er een heel nieuwe (oude) betekenis aan. In de Confuciaanse familietraditie van genegenheid en zelfopoffering t.b.v. de familie zijn er talloze helden en heldinnen: zonen die hun eigen vlees te eten geven aan hongerige ouders, kinderen die zelfmoord plegen om de familie niet tot schande te zijn, jonge weduwen die zweren nimmer te hertrouwen om voor de rest van hun leven voor hun schoonmoeder te zorgen. Omdat Confucianisme meer cultureel erfgoed dan institutionele leerstelligheid is, kan iemand tegelijkertijd zowel Confuciaans als Mormoons zijn. In mijn eigen Aziatisch-Amerikaanse familiekring van chineese en japanse afkomst, waren vaders de baas en aan het werk, en bleven moeders thuis om de kinderen op te voeden. Was dat omdat ze Mormoons waren of omdat ze Confuciaans waren? Ik zal er waarschijnlijk nooit achter komen.
In mijn lopende onderzoek naar de (inmiddels vastgelegde) mondelinge overleveringen van mormoonse vrouwen van Aziatisch-Amerikaanse afkomst, constateerde ik dat een groot aantal van hen, toen ze lid van de Kerk werden, vonden dat de Kerk te weinig aandacht aan gezins en familiebanden besteedde, ondanks haar imago als zodanig.
Hun oorspronkelijke aziatische culturen bleven de voornaamste voedingsbodem voor familiale normen en waarden.
Soms ook veroorzaakte het samengaan van deze twee nogal ingrijpende geloofstradities als het ware een explosie van wederzijds versterkende culturele elementen. Het gevolg ervan zijn opvallend kinderrijke aziatisch-amerikaanse Mormoonse gezinnen waarvan de kinderen allemaal bijbelse namen dragen, op school uitblinken, op de BYU Universiteit hun levenspartner ontmoeten, rechtzinnig in de leer zijn - in het bijzonder in het eren en respecteren van kerkelijke leiders - de schriften bestuderen, en niet voor hun 16de verkering hebben. Ondanks dergelijke duidelijke overeenkomsten in de benadering van gezins en familieaangelegenheden tussen het Confucianisme en het Mormonisme, zijn er ook fundamentele verschillen.
Mormoonse leringen over het gezin bijvoorbeeld benaderen het gezin als primair en de verdere familie als secundair.
Een Ensign-artikel gaf aan dat wanneer kinderen gaan trouwen zij hun eigen gezinnen stichten: "de gezagstructuur valt uiteen en de ouders en hun getrouwde kinderen gaan daarop een gelijkwaardige plaats innemen", en de verhouding in het huwelijk heeft prioriteit over de verhouding tussen de ouders en hun getrouwde kinderen.
Het Confucianisme daarentegen leert vooral dat het de grotere familiebanden zijn - meerdere generaties omvattend en hierarchisch van aard - waar de focus moet liggen. Eenmaal een vader, altijd een vader, eenmaal een zoon, altijd een zoon, niet slechts v.w.b. liefdevolle relaties, maar vooral v.w.b. de "Vijf Verhoudingen" met alle verplchtingen van dien.
Ouders dragen de verantwoordelijkheid kinderen op te voeden en te onderwijzen, en kinderen worden geacht aan de wensen van hun ouders tegemoet te komen, hen te eren en te dienen gedurende de rest van hun leven.
'Zich op het gezin te concentreren' en afzien van een goed betaalde baan om meer tijd en aandacht aan de kinderen te kunnen besteden is vanuit het Confucianisme minder belangrijk dan een goed betaalde baan te bemachtigen en veel over te werken, om in staat te zijn in het levensonderhoud van bejaarde ouders te voorzien.
'In het belang van de kinderen' financieel een stapje terug te doen zodat de moeder thuis kan blijven is vanuit het Confucianisme minder belangrijk dan dat beide ouders werken om aan de financiele noden van de familie tegemoet te komen, terwijl de grootouders de kinderen opvoeden. "Eer uw vader en uw moeder" wordt aldus het grootste morele gebod.
Amerikaanse zendelingen in Taiwan kunnen vaak niet begrijpen waarom menig 'gouden' onderzoeker op het laatste moment afhaakt omdat de ouders of schoonouders hun ongenoegen uiten. De zendelingen kunnen dat zo moeilijk begrijpen omdat de Confuciaanse opvatting van wederkerigheid in de familie meer omvat dan alleen het gezin, hetgeen vanuit de cultuur ook veel meer wordt benadrukt dan binnen het Mormonisme het geval is.
Hoe belangrijk zijn Confuciaanse en Mormoonse verschillen als het gaat om de structuren van geestelijk gezag en invloed binnen gezin en familie? Volgens Confuciaanse volksoverleveringen zijn overleden voorouders geestelijk bij machte over hun levende nakomelingen te waken. Men vereert overleden familieleden in de woning met gaven als voedsel, wierrook, en gedenkspreuken aan de muur. Dat ze zijn overleden wil niet zeggen dat ze hun betekenis als gezagdragers in de familiehierarchie verloren.
Een vader is altijd een vader (die beveelt) en een zoon is altijd een zoon (die zich onderwerpt).
Is een dergelijke generatie-lange hierarchie ook van toepassing op de Mormoonse schakels tussen voorouders en nakomelingen?
Een bekende Mormoonse lering over het nabestaan is dat wanneer een echtgenoot en zijn echtgenote verhoging ontvangen, zij als goden worden en hun nakomelingen leiden door alle geslachten des tijds.
Wat wordt precies bedoeld met 'nakomelingenschap'?
Verhoging en 'als goden worden' is voor ieder gezin - door een Tempelhuwelijk verzegeld - het voornaamste doel; secundair is het opvoeden van kinderen die eveneens in de Tempel zullen trouwen en er eveneens naar zullen streven om goden te worden.
Een eerdere generatie heeft geen zeggenschap over een latere generatie. Als ze eenmaal verhoging hebben ontvangen zijn vaders, moeders, zonen en dochters in een gelijke machtspositie; d.w.z. autonoom met dezelfde goddelijke macht als huwelijkspartners, hun geesteskinderen voor eeuwig leidend; dat is tenminste hoe Mormonen hun huidige leringen begrijpen.
I.p.v. verhoogde paren die hun goddelijke invloed alleen zouden kunnen doen gelden als aardse ouders t.o.v. hun aardse kinderen , zou een alternatief meer weg hebben van één almachtige, alwetende, lange schakel.
De veelgekoesterde Mormoons uitspraak: "Families are Forever" - "Gezinnen zijn voor Eeuwig" - heeft in Confuciaanse begrippen dan ook meer eeuwigheidswaarde, want een vader is immers altijd een vader, en een zoon altijd een zoon.
Op lange termijn (na opstanding, oordeel, verhoging, en het in volwassenheid gelijkwaardig worden van ouders en kinderen) is de meer essentiele uitspraak in feite eigenlijk: "Huwelijken zijn voor Eeuwig".
Zoals mijn oom Dillon het plachtte uit te drukken als advies aan pasgetrouwde stellen:
"maak je geen zorgen, de eerste miljoen jaren zijn altijd het moeilijkst!"

Christendom in China en Japan

Ik begon mijn verhaal met een zendingservaring.
Tot besluit nog een andere zendingservaring die veel op de eerste lijkt, maar dan net even iets anders ...
Het is avond in Hefei, China.
De lucht is er zwanger van hitte en uitlaatgassen. Straatvenders bakken er hun oliebollen, moeder laten hun kleine kinderen in de goot plassen. Vanuit allerlei winkeltjes klinkt harde muziek en het luidkeels aanbieden van koopwaar.
Eindeloos getoeter van auto's, bussen en motorfietsen die links en rechts langs fietsen en voetgangers zwenken.
Ik zit in een keldercafe, dankbaar voor de airco en de relatieve stilte. Daar buiten heerst chaos, lawaaierig kapitalisme, waar de harten van mensen ver van God verwijderd zijn. Maar hier binnen, op deze geheiligde plek, zitten we rond de tafel met daarop de schriften en enkele traktaatjes. Zuster Shen, broeder Shen, en zuster Li zijn zendelingen die me vertellen over het herstelde evangelie van Jezus Christus. Het lijkt alsof ik weer op zending ben, alleen dit keer ben ik de toehoorster.
Ze geven me een 'discussie' die ik slechts enkele jaren geleden ontelbare keren aan anderen gaf: Christus stichtte zijn kerk met apostelen, maar de geprofeteerde afval hulde de wereld in duisternis. Maarten Luther en anderen ten tijde van de Protestantse Reformatie begonnen een fundament te leggen voor de herstelling van Christus' ware kerk, en eindelijk brak de tijd aan waarin de Geest een nieuw en glorieus tijdperk inluidde waarin God het heldere en pure licht van het evangelie aan de mensheid openbaarde.
En nu, in deze laatste dagen, wordt de Bijbel uitgelegd naar haar oorspronkelijke betekenis, en de autoriteit om in Gods naam te handelen is hersteld. "De Ware Jezus Kerk" ("The True Jesus Church") is de enige levendige en waarachtige kerk op aarde.
De Ware Jezus Kerk begon als Christelijke stroming toen deze in 1917 in zuidelijk China werd opgericht; ze heeft heel veel gemeen met het Mormonisme: een vroeg-christelijke benadering met inbegrip van een leerstelling over afval en herstelling d.m.v. goddelijke openbaring aan een onbetekende persoon (een Chineese man genaamd Wei Enbo); het relaas van verschijningen aan de stichter door bijbelse figuren als Mozes, Elias, en verscheidende apostelen; het geloof dat een natie (China) door God werd uitverkoren voor het werk van de herstelling en voor het zendingswerk in de laatste dagen; een nadruk op het belang van de 'juiste' wijze van bediening van verordeningen zoals doop en avondmaal; en het exclusieve geloof dat De Ware Jezus Kerk de enige waarachtige kerk op aarde is. Er zijn natuurlijk ook een aantal verschillen.
Leden van De Ware Jezus Kerk spreken in tongentaal wanneer zij bidden; ze beschouwen de gave van het spreken in tongen als enigst teken dat iemand werkelijk gered is d.m.v. doop door de Geest.
Men viert de bijbelse Sabbat op zaterdag; men viert geen heidense feestdagen als Kerst en Pasen, en doopt uitsluitend in meren en rivieren. Maar al met al vormen zij een schoolvoorbeeld van de vele Christelijke stromingen die in China opbloeiden en wortel schoten, en op vergelijkbare wijze waarop het Mormonisme dat deed in de Verenigde Staten.

Conclusie

Philip Jenkins, wetenschapper op het gebied van Mondiaal Christendom, stelt vast dat het zwaartepunt van het Christendom zich in zuidelijke en oostelijk richting verplaatst, van Noord-Amerika en Europa richting Afrika en Azie.
Strikt genomen, zo merkt hij op, keert het Christendom eigenlijk gewoon terug naar haar ontstaan in het oosten, waar het centrum van de oorspronkelijke kerk in Jeruzalem lag, niet in Rome.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat het Mormonisme - dat als religie beweert de oorspronkelijke Christelijke geloofstraditie en zelfs de nog veel oudere van het Oude Testament te herstellen - zoveel overeenkomsten vertoont met "Oosterse' religies als Taoisme, Boeddhisme en Confucianisme.
Op kernpunten als polytheisme, verlichamelijking, kosmologie, voedingsvoorschriften, hierarchie, mannelijke en vrouwelijke rolpatronen en het gezins en familieverband, komt het Mormonisme meer overeen met Oosterse religies dan met de voornaamste Christelijke stromingen: Mormonisme als Oosterse religie dus.
Waar leidt een dergelijke notie toe? Ze is waarschijnlijk meer van nut om tegenstellingen dan overeenkomsten te illustreren, en zal waarschijnlijk meer positieve waardering dan nieuwe bekeerlingen opleveren (zoals bleek in mijn ervaring met de Taoistische priesteres). In plaatsen als Taiwan, waar Confucianisme en Mormonisme elkaar overlappen, wordt het zendingswerk geholpen door het feit dat sommige mensen al reeds geloven in het belang van krachtige gezinnen en hun eigen gezin willen versterken; maar het zendingswerk wordt er ook gehinderd door het feit dat sommige mensen al reeds geloven in het belang van krachtige gezinnen en daarin geen aanleiding zien lid te worden van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen.
Waar de 'Oosterse' aspecten van het Mormonisme hun grootse potentieel hebben, is dat ze de manier waarop we ons geloof t.o.v. andere geloven herdefinieren, in het bijzonder t.o.v. de Joods-Christelijke culturen.
Maar al te vaak - in een ijverig verlangen om als volgelingen van Jezus Christus te worden bevestigd - verbinden we ons met allerlei Christelijke groeperingen wiens leerstellingen, culturele waarden en politieke belangen dikwijls fundamenteel verschillen van de onze. Daarmee zien we onze natuurlijke affiniteit voor andere geloofstradities - met inbegrip van de Oosterse - soms over het hoofd. De overeenkomsten tussen Mormonisme en Boeddhisme bijvoorbeeld, zijn net zo wezenlijk, verlichtend en aantrekkelijk als de overeenkomsten tussen Mormonisme en ongeacht welke Christelijke stroming dan ook.
Aandacht besteden aan Mormoonse leerstellige en culturele paralellen met Oosterse Filosofien is vooral nuttig in seculiere en intellectuele omgevingen als nieuwsmedia en universiteiten, waar het Christendom vaak in negatieve zin wordt vereenzelvigd met religieus conservatisme en waar niet-westerse denkbeelden een bepaald prestige genieten. In dergelijke kringen zouden degenen die het Mormonisme misschien simpelweg afdoen als een taaiere versie van de plaag van rechtse religies, wel eens op kunnen kijken - en oprecht geinteresseerd kunnen zijn - in overeenkomsten tussen Mormoonse en Boeddhistische kosmologie. Dergelijke overeenkomsten bevestigen op hun beurt enkele van de meest ingrijpende en karakteristieke leringen van het Mormonisme.
Door het contrast te laten zien tussen kernbegrippen van het Mormonisme en de belangrijkste filosofische uitgangspunten binnen de westerse wereld, bevestigen we daarmee het onontbeerlijk spanningveld dat ons geloof voortdurend hersteld en relevant maakt in de huidige werld om ons heen: een wereld van verandering en paradox.
Samenvattend is misschien de meest interessante vraag niet: "Zijn Mormonen Christenen?", maar: "Zijn Mormonen Confuciaans?"
I.p.v. ons voortdurend af te vragen hoe we toch maar in de gunst van de Christelijke wereld kunnen komen - en ons afvragen waarom Christenen zo moeilijk doen over de leerstelling van de DrieEenheid terwijl we toch "in feite hetzelfde geloven" - zouden we met gepaste trots het Mormonisme als een polytheistisch Christelijke godsdienst kunnen aanduiden.
I.p.v. jaloers te zijn op de Episcopaalse Kerk en de Congregationalisten en hun gebruiksvriendelijke theologie, zouden we ons kunnen verheugen in de paradoxale en productieve spanning in het Mormonisme die het mogelijk maakt om vele werelden te kunnen bewonen: een wereld waarin Joseph Smith Twee Personen in de lucht zag staan, een wereld van priesterlijke zegeningen en tempelrituelen, een wereld van wetenschap, een wereld van rede, een wereld van werelden zonder einde.



bron: Sunstone magazine - afl. 153 - febr. 2009 - vertaling uit het Engels: Robert Poort



Lees meer Sunstone artikelen in het Nederlands