MvG logo www.mvgcontact.org

Moord in het Paradijs

Home



Moord in het paradijs

door Jan Gillis

Een artikel verschenen in een Vlaamse krant van 22 december 1988, schreef het volgende:

”In Venetië heeft een nep rechtbank ‘voor de sport’ het proces van Kaïn, de bijbelse broedermoordenaar gemaakt. En hij werd niet schuldig bevonden aan moord met voorbedachtheid. Bijbelexegeten, historici, magistraten en criminologen onderzochten de moord op Abel en met vijf tegen vier oordeelde de jury dat Kaïn had gehandeld onder invloed van een ‘onoverkomelijke menselijke emotie, gedicteerd door andere oorzaken van sociale aard’.”

Veel mensen denken dat het evangelie enkel verkondigd is geworden tijdens het leven van Jezus Christus en na diens dood. Niets is minder waar! Vanaf de schepping kwam God regelmatig op aarde en onderwees er zijn eerste menselijke kinderen.

God sprak met Adam en Eva!

Het is dus overduidelijk dat zij dezelfde taal spraken als Hij en zijn engelen. Bovendien liet God hen toe Hem te zien zoals Hij er in werkelijkheid uitzag. God had hen immers volledig naar zijn beeld en gelijkenis gemaakt.

Ook sloot God een verbond met die mensen: Hij beloofde dat zij ooit zouden worden zoals Hij … als zij ‘al’ zijn geboden zouden onderhouden,. Alleen onder die voorwaarde konden ze het ‘eeuwig leven’ bekomen. Aangezien God eeuwig is (God = Eeuwig), betekent een eeuwig leven evenveel als een goddelijk leven. Maar God wist van tevoren dat de mensen zouden falen en dat zij minstens één van Zijn geboden niet zouden nakomen. Daarom had Hij in een plan van Zaligmaking voorzien, nog van voor de schepping tot stand kwam.

Van dat laatste plan was slechts één van de Zonen van God niet ‘exact’ op de hoogte geweest. En dat was Lucifer, de prins van de morgen! Zoals zijn naam doet vermoeden, had hij misschien deelgenomen aan de schepping van het licht. Was hij de ontwerper, de hoofdingenieur van de Big Bang geweest? Maar blijkbaar had onze Lucifer zo zijn eigen voorstel bedisseld. Spijtig voor hem werd dat niet door alle hemelbewoners in dank aanvaard. Eén derde van de hemelbevolking stemde voor zijn plan, twee derden was er radicaal tegen.Toch bleef Lucifer zijn voornemen met de mensheid, aan God en Zijn aanhangers opdringen! Uiteindelijk werd hij, samen met zijn volgelingen, uit de hemel verbannen. Als boze geesten en ‘zonder lichaam’ werden zij voor altijd op de aarde neergeworpen. Vanaf dat moment werd Lucifer gedegradeerd tot Satan (Hebreeuws: de Tegenstander), de geest van de leugen.

Ook Adam en Eva kwamen op aarde terecht! Maar dan wel met een lichaam! Een lichaam zoals precies hun Vader er één bezat. Dat maakte Satan ontzettend woedend … en jaloers. Met al zijn (priesterlijke) macht - die hij toen nog maar amper bezat - zou hij trachten het geheim van Vader bij die mensen te weten te komen! Wat was God zinnens met hen? Hij wist dat Jezus, zijn broer, een belangrijke rol in dat plan zou spelen. Alleen wist hij niet wat er uiteindelijk in de hemel uit de bus was gekomen. Van één zaak was Satan zo zeker als wat! Vader zou die mensenkinderen van naadje tot draadje uitleggen hoe ze die Zaligmaking, die speciale vorm van hemels bestaan, zouden kunnen verwerven. Vanaf dat moment kende Satan geen rust meer. Hij nam zich voor om via die eerste bewoners van de aarde, koste wat kost, het plan te weten komen. Dat stond voor hem als een paal boven water. Eens die plannen doorgrond, kon hij definitief met Vader afrekenen. Spijtig genoeg besefte Satan niet dat Vader hem in dit plan, ook een rolletje had toebedeeld.

Kaïn werd geboren uit Adam en Eva. Mogelijk kwam Kaïn als eerstgeborene op de wereld maar de Schriften maken er geen al te duidelijke melding van. Eén zaak is zeker: Kaïn was ouder dan Abel. De naam Kaïn is afgeleid van het Hebreeuwse woord ‘Qanah’ dat ‘voortbrengen’ betekent. Het woord ‘Qanah’ wordt bij Kaïns geboorte door Eva voor het eerst gebruikt. Eva zegt namelijk: “ Door Gods gunst heb ik een mannelijk kind ‘voortgebracht’ ”. Daar Eva hier voor het eerst de nadruk legt op haar moederlijke functie, kan betekenen dat Kaïn de eerstgeborene was.

De naam ‘Eva’ betekent in het Hebreeuws ‘leven’. Eva geeft dus het leven, brengt het leven voort. Op zijn beurt betekent Adam ‘velen’. In het Turks betekent ‘adam’ mens. Maar het begrip mens is – zoals u weet - op velen van toepassing. Voor de naam ‘Abel’ heb ik geen exacte betekenis.

En juist tijdens deze eerste verkondiging van het evangelie in het begin der tijden werd Abel door zijn broer Kaïn vermoord. Wat dreef Kaïn tot die broedermoord? Wat was zijn motief? Veel later in de tijd namelijk in het midden der tijden, kon er weerom een identieke vraag worden gesteld. Welk motief dreef het Joodse volk om Christus, onze oudste broeder en Eerst - en Eniggeboren Zoon van God, aan het kruis te nagelen? Hoe manifesteerde zich het sociale leven in die twee totaal verschillende tijden? Was de dood van Abel en nadien die van Christus ook het gevolg van een onoverkomelijke menselijke emotie waarvan noch Kaïn noch het Joodse volk voor verantwoordelijk kon worden gesteld?

Laat ons even de gebeurtenissen in de hof van Eden, terug op een rijtje zetten. Voor het eerst sprak God in Zijn taal tot de prille mensheid. Adam en Eva verstonden Hem heel goed:

“Van de vruchten van de boom der kennis die midden in de tuin staat, mag je niet eten; je mag ze zelfs niet aanraken; anders zult gij sterven.
Maar de slang zei tot de vrouw: ‘U zult helemaal niet sterven! God weet dat uw ogen open zullen gaan als u eet van die boom, en dat u dan gelijk zult worden aan God, door de kennis van goed en kwaad.”

Of het nu een appel was waarin Eva en nadien Adam beet, of een zogenaamde geestesverruimende paddestoel rijk aan psilocybine (hallucinogeen), laat ik volledig buiten beschouwing. Wat er werd opgegeten, is trouwens van geen enkel belang. Wel van betekenis is het feit dat er één gebod werd overtreden en aangezien daardoor het verbond met God werd verbroken, kwam de ‘sterfelijkheid’ in het leven van Adam en Eva … maar ook in ons leven. Is het wel eerlijk van God om ons ook te straffen voor een misstap die onze voorouders begingen? Maar is sterven wel een straf voor de mensheid?

Nee! Want eenmaal als men beseft dat de sterfelijkheid deel uitmaakt van Gods plan van zaligmaking, is er geen vuiltje meer aan de lucht. De mens ‘moest’ sterfelijk worden, moest de dood kunnen smaken, om na de kruisdood en verrijzenis van Jezus Christus , ‘in geloof’ te kunnen heropstaan uit de doden en zo te kunnen terugkeren tot de hemelse Vader. De duivel die even dacht dat hij met de zondeval zijn Vader een serieuze hak had gezet en daarmee de mensheid mogelijk tot in de kiem had gesmoord, kreeg het deksel op zijn neus. Na het eten van de verboden vrucht was de duivel er ‘heilig’ van overtuigd dat sterfelijkheid de mens voorgoed van de aarde zou vegen. Hij had echter buiten Jezus Christus gerekend!. Jezus zou door zijn Zoenoffer op het kruis, door het vergieten van zijn bloed, de mens terug tot bij zijn Schepper brengen.Tijdens het verleiden van Eva, wist Satan niks over dat Zoenoffer. Anders had hij maar al te goed beseft dat zijn poging volkomen nutteloos zou zijn. Satan wist niet dat hij van bij het begin gedoemd was om achter het net te vissen.

Maar in het paradijs stond er ook nog een levensboom! Een boom die ondanks alles, de onsterfelijkheid van de mens zou blijven waarborgen. Satan gaf de strijd nog niet op! Als hij er nu eens voor zou zorgen dat de mensen niet meer van die boom konden eten!

‘Een peulschilletje’ dacht hij ‘meer niet!’

Maar veel moeite moest hij zich hiervoor niet getroosten! Want ongelooflijk maar waar! God zelf stuurde zijn eerste kinderen de laan uit. Hijzelf verdreef ze voorgoed uit de hof van Eden! …

Voor Vader was er inderdaad geen andere oplossing meer. Als Hij Adam en Eva zou toelaten om van de levensboom te eten, zouden ze voor eeuwig in zonde moeten blijven leven. Nooit zouden ze nog het niveau van Vader kunnen bereiken!

Maar voor de duivel lagen de zaken wel iets anders. Waarom gunde God ‘zijn’ mensen niet meer die allerlaatste strohalm om terug de onsterfelijkheid te bekomen? De duivel was totaal de kluts kwijt! Allerlei rampscenario’s striemden zijn geest! Waren Adam en Eva wel echt sterfelijk geworden? Wie weet waren ze nog steeds onsterfelijk? Had Vader hem op de één of andere wijze bij de neus genomen? En wat was er toch met de aarde gebeurd? Waarom had God omwille van die ene zonde, de aarde zomaar vervloekt en niet de mensen zelf? De aarde had Hem toch niets misdaan? Trouwens! Was de aarde niet het enigste dat Satan sinds zijn ballingschap nog bezat? Dit was zijn aarde en God moest daar met zijn handen vanaf blijven!

“Omdat gij hebt geluisterd naar uw vrouw en hebt gegeten van de boom die Ik u had verboden, zal ‘de grond vervloekt’ zijn omwille van u! Zwoegend zult gij van hem eten, alle dagen van uw leven. Distels en doornen zal hij voortbrengen, met veldgewas moet gij u voeden. In het zweet zult ge werken voor uw brood.”

De aarde had inderdaad een ontzagwekkende fysische metamorfose ondergaan. Vanuit een paradijs kwamen de eerste mensen in een wereld terecht die niet meer met de vorige te vergelijken viel. Wat was de oorzaak? Was de positie van de aarde in het heelal gewijzigd? Had God de aarde vanuit Zijn leefwereld verwijderd? Konden vanaf nu de mensen Hem niet meer bereiken? Liet Hij Zijn schepping in al haar grootsheid zomaar verweesd achter?

Weet echter dat sinds ‘de uitdrijving’ van de mens, de eerste bedeling van het evangelie pas echt goed op gang kwam. Om de mens bij te staan in woord en daad, klonk ver weg vanuit het aards paradijs, nog steeds de stem van God . Om de prille mens in al de noodzakelijkheden van het eeuwige leven te onderrichten, stuurde Hij Zijn engelen. Van hen leerde het gezin van Adam de finesses van de taal van God. Die taal zou bij het bouwen van de toren van Babel voorgoed teloorgaan.

Of toch niet? Zouden er toch nog mensen bestaan die …

Vader persoonlijk verleende Adam zijn onmisbaar priesterschap. Uit Gods handen ontving Adam zowel het lagere priesterschap als het hogere in de orde van Zijn Zoon Jezus de Gezalfde. Op hun beurt ontvingen Kaïn, Abel en Seth het priesterschap uit de handen van hun vader. Zonder die ‘continue’ lijn van het priesterschap in het nageslacht van Adam, kan de mensheid van de ondergang niet worden gered. God deelt dus zijn priesterschap met zijn kinderen hier op aarde. Hij geeft hun de macht om in zijn naam te handelen en zijn werken te doen. Tevens ontstaat er tussen Hem en die kinderen een speciaal medium waardoor zijn wil door hen beter kan begrepen en uitgevoerd worden. Evenwel! Die macht van het priesterschap kan alleen maar aangewend worden volgens de grondbeginselen van de gerechtigheid.

Dat priesterschap kende Satan maar al te goed! Had hij in betere tijden die macht ook niet bezeten? Ondertussen wist hij wel niet meer of de mens nu sterfelijk was of niet! … Maar dat kon hij achteraf nog wel uitvissen. Doch met die vereiste gerechtigheid voor het uitoefenen van het priesterambt, daar zou hij wel een loopje mee kunnen nemen. Heel minutieus zette hij een nieuwe val. Een duivels plannetje rijpte in zijn al even duivels brein. Een plannetje dat - grappig genoeg - vroeger ook al eens zijn vruchten had afgeworpen. De duivel speelde zijn grootste troef uit: de leugen! Bij de ouders had hij gefaald … maar … bij de kinderen kon hij misschien op wat meer geluk rekenen!

In welke situatie leefden Kaïn en Abel? Beiden bezaten het priesterschap dat ze via hun vader Adam hadden ontvangen. En beiden ‘geloofden’.

In Paulus ‘ brief aan de Hebreeën lezen we het volgende:

“Door het geloof was Abels offer zo veel beter dan dat van Kaïn; door het geloof ontving hij het getuigenis van zijn rechtvaardigheid (gerechtigheid), want God zelf aanvaardde zijn gaven; door het geloof blijft hij spreken, ook na zijn dood.”

In een brief aan de Romeinen zegt diezelfde Paulus :

“Thans is echter Gods gerechtigheid (rechtvaardigheid) openbaar geworden, Gods gerechtigheid die zich door het geloof in Jezus Christus meedeelt aan allen die geloven.”

Volgens Paulus kan men dus alleen een getuigenis van gerechtigheid ontvangen als men gelooft in Jezus Christus (en in zijn zoenoffer). Hieruit kunnen we besluiten dat zowel Kaïn als Abel op de hoogte waren geweest van het aanstaande Zoenoffer van Christus. Van millennia voordien waren Kaïn en Abel hierover op de hoogte gebracht. Adam die als eerste die blijde boodschap uit Gods mond had mogen ontvangen, had hen dat onderwezen. Ook was het Adam die zijn kinderen had gedoopt. Samen met de doop door onderdompeling in water had hij hun ook het indrukwekkende symbool van de wederopstanding uitgelegd. Ook leerde hij hun de eerstgeborenen van hun kudde te offeren aan God. Op die manier toonden ze hun Schepper dat ze het zoenoffer van de Verlosser kenden en er ook geloof aan hechtten. Paulus zegt in dezelfde brief aan de Romeinen (hoofdstuk 5, vers 1) dat wij gerechtvaardigd door het geloof in dat zoenoffer, in vrede kunnen leven met God door Jezus Christus onze Heer. Adam en zijn gezin konden dus ondanks hun sterfelijkheid, in vrede verder leven. Het zwaard van de eeuwige verdoemenis hing helemaal niet meer boven hun hoofd.

Maar nog steeds zon de duivel op wraak. Satan broedde een nieuw en feilloos plan uit! Hij zou het geloof, liefst dat van de eerstgeborene van Adam, aan wankelen brengen. Nee! Hij zou dat geloof van Kaïn vernietigen. Hiermee zou hij dan alle gerechtigheid uit de wereld kunnen bannen en opnieuw zou Gods plan gekelderd worden. Zijn duivelsgeest draaide op volle toeren. Voor het scheppen van een volledig nieuw verzinsel, was hij juist niet creatief genoeg. Dus maakte hij maar gauw gebruik van zijn vorige leugen! Weerom zou hij de sterfelijkheid van de mens in vraag stellen maar nu zou niet Eva maar de jeugdige, met verantwoordelijkheid beladen Kaïn, zijn uitverkoren doelwit worden.

Nog nooit was de wereld geconfronteerd geworden met de sluier tussen leven en dood. Bij het offeren van de eerstgeborenen van hun kudden hadden Adam en zijn zonen al wel dieren zien sterven. Maar een mens die op het punt stond om dood te gaan … dat hadden ze nog nooit meegemaakt. Zelfvoldaan vergenoegde Satan zich in dat overheerlijk vooruitzicht. Hij vergat er warempel zijn vorige nederlaag bij. Zo dadelijk ging Kaïn die sluier verscheuren en voorgoed laten verdwijnen … en wel met behulp van zijn broer Abel. Gods eigenhandig gemaakte schepselen zouden Hem schroomloos in de kou laten staan. Satan gniffelde! Wat zou de Leraar in gerechtigheid zich diep gekrenkt en ontgoocheld voelen.

Hoe de duivel precies is tewerk gegaan, vertelt de bijbel niet. Maar plots offerde Kaïn niet meer de eerstgeborenen van zijn kudden maar wel de vruchten van het veld. Wat Kaïn daarmee wou bewijzen is heel simpel: hij geloofde niet meer in Jezus en in diens zoenoffer. Maar tegelijkertijd toonde Kaïn ook aan dat hij geen geloof meer hechtte aan de opstanding van diezelfde Christus na zijn dood. Maar wist Kaïn wel wat doodgaan betekende? Zoiets was immers nog nooit in de mensengeschiedenis voorgevallen!

Wat precies heeft de duivel Kaïn wijsgemaakt? Dat de sterfelijkheid maar larie en apekool was? Dat sterfelijkheid een wapen was waarmee God maar naar willekeur zou blijven zwaaien telkens de mensheid haar eigen willetje wou doordrukken? Zou God op die manier iedereen in een keurslijf dwingen? Zou Hij zo trachten de mensheid hun vrije wil te ontnemen?

Eén zaak is zeker! Kaïn heeft de duivel geloofd! Hiermee zette hij zijn geloof in Christus gewoon op de helling. En daarmee ook diens overwinning over de dood! De wetten en geboden die God hem had opgelegd, lapte hij vanaf nu gewoon aan zijn laars. In plaats daarvan volgde hij de duistere wetten en geboden van Satan. En wat waren die wetten en geboden van de duivel? Hoe luidde zijn nieuw verbond met de duivel?

De duivel pretendeert dat de sterfelijkheid niet bestaat. Ieder mens is onsterfelijk en dit dank zij hem. Vanaf het begin heeft God voor Satan in het stof gebeten en niet andersom. En God zou die nederlaag nooit meer te boven kunnen komen. En vanaf nu zou alleen Kaïn alle machten van God in zichzelf verenigd zien. En dit alles onder één voorwaarde: Kaïn moet slaafs de wil van Satan opvolgen. Alleen dan kan Kaïn een beetje deelachtig worden aan die glorieuze macht die Satan al bezit! Maar! …Om dat beetje te verkrijgen, eist de duivel van Kaïn wel een enorm voorschot!

“Als God uw offer van de vruchten van het veld niet wil aanvaarden … als Hij het offer van uw stapelgekke broer verkiest boven het uwe … alleen omdat Abel geloof hecht aan de opstanding uit de doden … om dan eerst het eeuwige leven te kunnen verkrijgen … wel … probeer iets nieuw … offer Abel!”

Voor Kaïn moet dat geklonken hebben als een donderslag bij klaarlichte dag, maar de duivel vervolgt zijn pleidooi:

“Dan zul je beseffen … dank zij mij … dat de mens altijd al onsterfelijk is geweest. Je broer, zelfs je ouders, zullen je ‘eeuwig’ dankbaar blijven omdat je hun ogen tijdig hebt geopend. Dank zij jouw moedige daad is dat achterbaks gedoe van God ontmaskerd geworden? Je moet er ‘zogezegd’ alleen maar Abel voor doden! Want ik zweer je op het leven van je broer! Een mens doden is onmogelijk!”

Laat ons even veronderstellen dat bovenstaand scenario correct zou zijn. Wat kunnen we Kaïn dan nog verwijten? Zeer zeker heeft Kaïn nagelaten om God te vragen of Satan gelijk had of niet! Waarom heeft hij dat niet gedaan? Hoezeer het paradijs toen krioelde van engelen, onze Kaïn stond er toch maar zwakjes in zijn schoenen. Waarom? Werd ‘ijdelheid’ zijn zelfvernietigende struikelblok?

De condities die Satan hem stelde, waren te mooi om waar te zijn! Wijsheid! Roem! Eer! Het eeuwige leven! … In alles de meerdere van God!

Het verloop van de droeve geschiedenis kent iedereen! Abel was ‘dood’ en vermoordt door zijn ‘bloed’ - eigen broer. Onschuldig bloed was helaas voor de eerste maal vergoten geworden! Stilletjes droop de duivel af. Kaïn stond daar alleen! Alleen bij het zieltogende lichaam van zijn broer dat zonet nog bruiste van leven. De bewustwording van de val die de duivel hem had gespannen, moet voor Kaïn ondraaglijk zijn geweest. Zwetend en hijgend van angst moet hij daar hebben gestaan. De waarheid van de leer die Vader hem dagelijks had verkondigd, moet plots als een enorme last op zijn schouders hebben gedrukt. Verslagen wachtte Kaïn op de dood! Zo dadelijk zou Vader hem vernietigen … voor altijd! Vol ongeloof had hij zijn eigen Schepper verloochend … Nu wachtte hem nog enkel de goddelijke gerechtigheid die zijn deel zou worden.

Toen God op het offer van Abel genadig had neergekeken maar op dat van zijn oudere broer geen acht had geslagen, werd Kaïn uitzinnig van woede. Zijn gezicht werd grimmig en voorspelde niet veel goeds. Ook God zag die metamorfose en vroeg hem:

“Waarom ben je woedend , Kaïn? Als je het goede doet is er vreugde en verheffing. Doe het goede niet en de zonde loert als een belager aan uw deur. Zul je die zonde wel meester kunnen blijven?”

In een ultieme poging trachtte God het verdere leven van Kaïn nog te redden, maar niets kon nog baten! De weerzinwekkende moord greep toch plaats! Belegerd door wanhoop en schuldbesef stuikte Kaïn daarna ineen. Met de dood voor ogen kroop hij weer recht. Maar stilaan evolueerde zijn wanhopige blik in een ijzingwekkende kalmte. Tegenover God zou Kaïn alle schuld blijven ontkennen. Erger nog! Als een volleerde advocaat des duivels zou hij alle schuld op Vader afwentelen:

“Abel is één van uw schepselen. Moet ik soms mijn broeder hoeden?”

Zo’n arrogant antwoord had God op zijn vraag naar Abel helemaal niet verwacht. Zijn toorn sloeg dan ook in als een bom!

“Wat hebt gij gedaan? Hoor het bloed van uw broer roept uit de grond tot Mij!”

Bij de zondeval van Adam en Eva had God de aarde vervloekt. Het bloed van de arme Abel doordrenkte nu die verdoemde grond. Gods vloek over Kaïn gaat enorm veel verder!

“ Daarom zult gij vervloekt zijn, verbannen van de grond die zijn mond heeft geopend om uit uw hand het bloed van uw broer te ontvangen! De grond die gij bewerkt, zal niets meer opbrengen; een zwerver en een vagebond zult ge zijn op deze aarde.”

Juist zoals bij Satan wordt ook bij Kaïn onverbiddelijk het priesterschap weggenomen. Kaïn jammert luidop:

“Die straf is te zwaar om dragen! Jij hebt mij vervloekt! Vanaf nu mag iedereen mij doden om mijn bloed ook aan die verdoemde aarde te drinken te geven!”

Maar God antwoordt hem:

“Neen! Want wie Kaïn doodt, zal het zevenvoudig uitboeten!”

God geeft Kaïn een merkteken zodat iedereen kan zien dat hij de broedermoordenaar is die niet mag gedood worden. Ook zijn nakomelingen zouden dat merkteken dragen (de echtgenote van Cham, de vervloekte jongste zoon van Noë, zou een afstammelinge van Kaïn zijn geweest). Wat dat merkteken precies was, is niet geweten. Doordat de zonen van Cham zich na de zondvloed vooral in Egypte en Ethiopië vestigden, zijn velen de mening toegedaan dat Gods merkteken de zwarte huidskleur was.

Was de straf die Kaïn opgelegd kreeg, nu geoorloofd of niet? De enige drijfveer die Kaïn bezielde bij de moord, was het najagen van eigen eer en roem zonder rekening te houden met de rechten van zijn evennaaste en vooral die van zijn Schepper. Was het niet het recht van alle kinderen van God om te groeien in volmaaktheid en eens te worden zoals Hij. Door de aarde te vervloeken, heeft God Zijn mensenkinderen de ‘tijd’ gegeven om die vervolmaking te zoeken. Enkel de mogelijkheden van de aarde wou God beperken zodat de mensen slechts door hard werken zijn gedane beloften zouden kunnen bekomen. Voor hen creëerde Hij een proeftijd op een proefplaats waar ze naar hartelust zouden kunnen experimenteren. Maar wel met inachtneming van zijn wetten en geboden! Kaïn echter werd verbannen uit die proefplaats en kreeg uiteraard geen proeftijd meer.

Zou de aarde dan voor altijd vervloekt blijven? Door een totale onderdompeling in water zou de zondvloed ervoor zorgen dat de aarde zich kon ontdoen van alle reeds begane zonden. Ook de zonde van Kaïn, het onschuldige bloed van Abel, werd op die manier witgewassen … maar de zondaar bleef gestraft. Door de doop in water kon de aarde het doel dat God haar van in het begin had opgelegd, opnieuw bereiken. Nu moet ze nog enkel door de Geest gelouterd worden. Hoe en wanneer dat zal gebeuren, weet alleen God.

Maar nu naar de analogie van dit verhaal met Jezus Christus. Als Pilatus de Joden de keuze laat:

“Jezus of Barabbas!”

Antwoordt het volk:

“Jezus! Kruisig Hem!”

Maar de Joden van toen voegden er wel iets heel merkwaardigs aan toe:

“Zijn bloed kome over’ ons’ en onze kinderen!”

Ze riepen dus niet meer dat het bloed over de aarde moest komen. Het boek ‘Genesis’ had hun maar al te duidelijk geleerd welke ramp dat zou kunnen veroorzaken. Voor een tweede maal wilden ze God niet meer uitdagen met de aarde als inzet. Overmoedig zetten ze nu ‘zichzelf’ voor schut! Ondertussen heeft de geschiedenis van de Joden al uitgewezen of het bloed van Christus nu over hen is gekomen of niet. Maar ook wij moeten ervoor opletten dat ‘Zijn bloed’ niet over ons zal komen. Christus heeft dat immense lijden immers alleen maar aanvaard opdat wij, niet meer dan noodzakelijk, zouden moeten lijden.

Onder voorwaarde dat we in Hem geloven.

De opstanding uit de dood zal er voor iedereen zijn, maar het eeuwige leven in de nabijheid van God zullen we moeten verdienen. De boodschap van God is dus overduidelijk: Hij eist van de mens een stevig geloof in het zoenoffer van zijn Zoon! Zonder dat geloof zijn we niet beter af dan Kaïn of de Joden ten tijde van Christus. Zonder geloof maken we deel uit van de ongerechtigheid en zullen we onder die wet veroordeeld worden. Zoals Kaïn zijn broer Abel als slachtoffer nam, zoals het Joodse volk Christus als slachtoffer nam, zo zullen ook wij omwille van de ongerechtigheid onze naaste als slachtoffer nemen. Woekert er vandaag geen niets ontziende hebzucht tussen de mensen onderling? Wordt de rijke niet rijker op kosten van de arme? Worden economische belangen niet voorop geschoven ten nadele van minder productieve mensengroepen? Iedereen beweert dat hij de hongerlijdenden in deze wereld helpt! Maar de manier waarop, wil men meestal niet kwijt. Wie is Kaïn in deze huidige wereld? Zijn nakomelingen,… wie zijn dat? Aan wie zijn handen kleeft er tegenwoordig ‘onschuldig’ bloed?

Kaïn die zich ging verschuilen in het land van Nod, telt heden wellicht ontelbare nakomelingen. Het Hebreeuwse werkwoord ‘Nod’ betekent ‘zwerven’. Nod is dus zeker geen land van belofte. Hoeveel vervloekte zielen zwerven er nu al rond over deze ooit vervloekte aarde?

Ik weet het niet! Laat ons er wel voor zorgen dat God ons geen merkteken hoeft mee te geven, een merkteken dat onze neiging tot moord onthult!