
Weten dat er een God is die van me houdt ...
Judith Fuenzalida is een stralende jonge vrouw met lang blond haar
tot over haar middel. Ze is moeder van vier kinderen en volgelinge van
de Kerk van Jezus Christus van de heiligen der laatste dagen.
"Wij geloven dat de kerk hersteld is," zegt Judith. "We
geloven dat de Amerikaan Joseph Smith, een profeet, in 1860 de opdracht
van God kreeg om de Kerk van Jezus Christus te herstellen. Voor ons
is dat de enige ware kerk. We gaan uit van de bijbel. Maar de bijbel
is heel vaak vertaald en vertroebeld door de diverse vertalingen en
interpretaties. Als je de bijbel letterlijk neemt kom je tegenstrijdigheden
tegen. Daarom gebruiken we ook het Boek van Mormon. In Amerika zijn
we dan ook lang Mormonen genoemd, maar formeel zijn we dat niet."
“Ik ben in deze kerk opgegroeid. Mijn moeder was Hervormd, mijn
vader was niets maar is later ook hervormd geworden. Mijn moeder had
echter heel veel vragen wara ze geen antwoord op kreeg en toen op een
dag de mensen van de Kerk van Jezus Christus van de heiligen der laatste
dagen aan de deur kwamen, heeft ze zich bekeerd. Ik ben in onze kerk
nooit iets tegengekomen waarvan ik vond dat het niet klopte. Ook als
puber niet. Ik had nooit een probleem met kuis leven of niet drinken.
Ik stond er 100% achter. Ik ben echt wel naar andere kerken gegaan uit
interesse maar ik ben ervan overtuigd dat dit het ware geloof is. Dat
zit hem erin dat deze kerk hersteld is. Als je het slot van de bijbel
leest, zie je dat alle apostelen zijn uitgemoord. De kerk is verder
gegaan als katholieke kerk, de katholieken volgden het evangelie maar
niet het priesterschap. Wij geloven dat het priesterschap het gezag
van God is en dat priesterschap is niet doorgegeven. Joseph Smith is
uiteindelijk door God geroepen tot het priesterschap, toen is de kerk
hersteld, vandaar onze naamgeving. Na de dood van Joseph Smith kwam
er een andere profeet en ook nu nog hebben we een profeet die ons leidt.
Dat is belangrijk omdat hij ons raad geeft in hoe om te gaan met ontwikkelingen
in de wereld."
"Ik begin elke ochtend met een persoonlijk gebed en daarnaast
bidden we dagelijks met het hele gezin en voor de maaltijd. Iedere avond
voor het slapen gaan lees ik mijn kinderen voor uit een speciaal kinderboek.
Iedere week hebben we een gezinsavond, we doen een openingsgebed, een
liedje, een korte les over iets dat in het gezin speelt en een activiteit.
De kinderen gaan naar een openbare school, het kerkelijk onderwijs krijgen
ze thuis. Verder roken en drinken we niet, ook geen koffie, gebruiken
we geen drugs, hebben geen seks voor het huwelijk en zijn we heel matig
met vlees. Op zondag gaan we naar de kerk, er zijn een kleine 200 leden
en dat aantal groeit. We hebben geen dominee of predikant, de leden
doen het zelf. Iedereen heeft een roeping in de kerk, jeugdwerk bijvoorbeeld.
Als de jongens 19 jaar zijn en de meisjes 21 jaar, kunnen ze zendelingenwerk
gaan doen in binnen en buitenland. Ze kunnen langs de deur gaan om mensen
te interesseren. Ik ben dat in Amerika gaan doen, in Salt Lake City
waar het hoofdkwartier is. Daar heb ik op het tempelplein gestaan om
te evangeliseren, het heeft me heel erg verrijkt."
"Het geloof is zo belangrijk voor me. Als ik het opnieuw zou mogen
doen, zou ik niets veranderen. Weten dat er een God is die van me houdt,
is een enorme zegen voor me. God is een persoon, zeker weten. Een hemelse
vader. Hij wil dat we gelukkig worden en daarom heeft Hij ons profeten
en geschriften gegeven. Als je die volgt, word je gelukkig.
Behalve dat ik er zelf gelukkig van word, vind ik het ook belangrijk
me in te zetten voor de wereld. Daarom vasten wij iedere laatste zondag
van de maand 24 uur lang. Als je vast, kun je je beter concentreren
op het geestelijke. Vaak vasten we ook voor een specifiek doel, iemand
die ziek is bijvoorbeeld. Het geld voor maaltijden dat we dan uitsparen,
geven we aan de kerk die dat voor goede doelen gebruikt. En we staan
een tiende van ons inkomen af voor de kerk. De kinderen moeten zelf
beslissen of ze mee willen doen, ze worden ook pas gedoopt als ze acht
jaar oud zijn zodat ze bewust kunnen kiezen."
bron: http://www.geheugenvanalmere.nl/article-1873-nl.html