Johan Herman Frederik Luttmer
Johan Hendrik Fredrik Luttmer werd op 14 februari 1891 in Haren geboren.
Zijn ouders waren de Duitse immigrant Johann Herman Friedrich Luttmer
(* 1851) en Jantje van der Woude (* 1857). Frederik was het 8ekind in
een gezin van 10 kinderen. Toen hij slechts 14 dagen oud was, werd hij
door zijn vader door de sneeuw gedragen zodat hij in de katholieke kerk
gedoopt kon worden. En zijn ouders hebben hem in het katholieke geloof
grootgebracht. In zijn jeugd was hij vaak ziek. Zijn vader was een drukbezet
man. Hij werkte hard in de kolen, ook had hij zes koeien en verkocht
hij melk aan anderen. Hij had ook nog een café in Eelderwolde
alwaar ze bier verkochten. De oudere kinderen moesten meehelpen om voor
de jongere kinderen te zorgen. En Frederik moest altijd onder zijn oudere
broer werken, die hem slecht behandelde. Toen kreeg hij een bloedvergiftiging
en moest twee operaties ondergaan. Nadat hij weer helemaal hersteld
was lieten ze hem met een andere broer werken en mocht hij de paard
en wagen door de straat leidden. Frederik vond dit alles veel leuker.Een
paar jaar later ontmoette hij een meisje dat niet katholiek was. Hij
was weg van haar, maar zijn ouders vonden het niet goed dat hij met
haar optrok, en verboden verdere omgang met haar. Daardoor werd hij
zo boos dat hij niet meer naar de katholieke kerk ging. Ondanks alles
bleef hij haar zien en trouwden ze op 15 november 1916 in Eelde. Haar
naam was Roelfje Stoffers (* 1899).Frederik & Roelfje Luttmer
Frederik begon zijn eigen kruidenierswinkel in Eelde. Hij had een kleine
wagen en reed daarmee rond om levensmiddelen te bezorgen bij mensen
die buiten de stad woonden. Hun eerste kinderen waren:Jantje (* 1917),
Jacob (* 1919) en Frederik (* 1921).Na zes jaar huwelijk en drie kinderen
kwam Frederik in kontakt met de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen
van de Laatste Dagen, door één van zijn klanten uit de
stad. Hij en zijn vrouw zouden gaan scheiden omdat zij tot een andere
kerk behoorde. Daarop vertelde Frederik hem over de katholieke kerk
maar de man zei: Hier is dit boek, lees het, het heeft het hele evangelie
in zich. Dit boek is het boek van de Mormonen. Maar ja, hij was echt
niet van plan om het mee te nemen, laat staan te lezen, maar omdat het
een goede klant van hem was, nam hij het boek toch mee naar huis.Hij
legde het boek in de wagen, en het was buiten al aardig donker geworden,
en het enige wat hij aan verlichting had was een kleine petroleumlamp.
Hij dacht: Als dit boek het echte evangelie bevat, hoop ik dat ik het
kan lezen. Zijn ogen waren niet zo heel goed en hij had problemen met
het lezen van kleine gedrukte letters zoals in dit boek. Maar toen hij
het boek opende kreeg hij de verrassing van zijn leven, want hij had
totaal geen moeite om het te lezen en dat gaf hem de zekerheid dat dit
boek het boek van God moest zijn.Hij keek tegen die kerk in Groningen
op en ging per fiets naar de samenkomsten. Toen de missionarissen hem
het evangelie van Jezus Christus vertelden, was hij onder de indruk
en wilde hij niets liever dan lid van deze kerk worden. Maar hij dacht:
“Hoe kan ik ooit de katholieke kerk verlaten?” Toen las
hij in de Bijbel in Efeziërs 4 : 5, waar geschreven staat: “Eén
Heer, één geloof, één doop”. Toen
dacht hij: “We hebben al die kerken niet nodig”. Hij leerde
dat de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen van de Laatste Dagen
ook profeten, apostelen en seventies (een raadgevende commissie) hebben
zoals in de bijbel staat dat een echte kerk die moet hebben. En hun
mensen houden vast aan het priesterschap van God, de zieken kan zegenen,
de armen kan voeden en kunnen dopen met vuur en de Heilige Geest. Frederik
leerde dat kinderen niet met een zonde geboren worden. Ze hoeven niet
gedoopt te worden tot hun 8elevensjaar. Zoals Jezus zegt in Lucas 18
: 16: “Laat de kinderkens tot mij komen, en verhindert hen niet;
want derzulken is het koninkrijk Gods”.En nu wilde Frederik zo
gedoopt worden als Jezus was, door iemand die het gezag van God had,
door onderdompeling en dan gave van de Heilige Geest ontvangen zoals
in Johannes 3 : 5 staat waar Jezus zegt: “Waarlijk, waarlijk.
Ik zeg tegen jullie, uitgezonderd een mens geboren uit water en van
de Geest, hij kan niet binnengaan het Koninkrijk God’s.”Op
7 september 1922 word hij gedoopt en lid van de Kerk van Jezus Christus
van de Heiligen van de Laatste Dagen. Zijn vrouw Roelfje werd een maand
later gedoopt op 12 oktober 1922.Wel, dit alles veroorzaakte een hoop
elende bij Frederik. Toen de mensen hoorden dat hij de katholieke kerk
verlaten had deden ze geen zaken meer met hem en zijn eigen familie
vertelde hem dat hij bij hun thuis niet langer welkom was. Dat was een
grote slag voor hem. En om alles nog erger te maken brak hij ook nog
zijn been en moest zes weken rust houden. De katholieke pastoor kwam
op bezoek en vertelde hem dat als hij z’n geloof op zou geven,
hij gegarandeerd een goed zakenman zou blijven. Maar hij antwoordde:
“Ik kan de kerk niet opgeven waarvan ik weet dat het de enige
echte is.” Dus verloor hij ook nog zijn hele kruidenierswinkel
en in ongeveer 1929 moest de familie verhuizen naar een armer deel van
de stad. Frederik voelde zich erg slecht maar twijfelde nooit aan zijn
geloof. Toen begon hij in de kolenbranche: verkoop van steenkool en
petroleum. Hij ging van deur tot deur. Zijn vrouw haalde wasgoed naar
huis en haalde ook voor negen jaar een blinde kostganger in huis, om
maar voor voedsel voor de kinderen te kunnen zorgen.Ondertussen waren
er nog 11 kinderen geboren: Jantiene (* 1922, Jan (* 1924), Roelof (*
1925), Geertje (* 1926), Jacoba (* 1928), Anna (* 1929), Roelina (*
1931), Frederika (* 1933), Wilhelmina(* 1935), Gerhard (* 1936) en Grant
(* 1938).Alles bijelkaar groeiden 15 kinderen bij Frederik en Roelfje
op (ze hadden ook nog een nicht in huis).Ze leefden in een rood stenen
huis, dat ze van een jood gehuurd hadden, die later in de 2eWereldoorlog
werd gedood. Het huis had drie treden voor de deur en nadat je de deur
gepasseerd was moest je een steile trap op. Het had een kleine provisiekast,
vier erg grote kamers, twee toiletten en een kleine slaapkamer waar
de blinde man sliep. De eerste kamer was alleen op zondagen en voor
speciale gelegenheden in gebruik. Dus de hele familie moest de kamers
delen. Er waren bedsteden in elke kamer, bedden die gebouwd waren in
een kast. Overdag waren ze dicht, ’s nachts open. Eens per jaar,
als moeder Roelfje de voorjaarsschoonmaak deed kregen de kinderen vers
stro in de matrassen. In de winter werden stenen verwarmd in de oven
en dan ingerold in lakens en mee naar bed genomen. de meisjes hielpen
hun moeder met breien van sokken, ondergoed en andere kledingstukken
die hun konden verwarmen in de winter. De kinderen droegen altijd klompen.
Dit was niet zo erg. Met stro erin hielden de kinderen droge en warme
voeten. Op zaterdagavond moest de hele familie om beurten in bad. Het
water moest op de kachel verwarmd worden. De grote teil werd midden
in de kamer geplaatst en de meisjes gingen eerst in bad, daarna de jongens.
Natuurlijk moesten de oudere kinderen helpen in de huishouding en met
de jongere kinderen.Toen brak in 1939 de 2eWereldoorlog uit. Nederland
werd bezet door het Duitse leger en de nazis namen de leiding van het
land over. Alles werd erg slecht. De oudste zonen werden weggezonden
om voor de Duitsers te werken.Eten en kleding werden schaars door de
Duitse rantsoenering. Later tijdens de oorlog werd de buurt bijna elke
nacht gebombardeerd, maar het huis van de Luttmer’s werd nooit
geraakt. De familie had het geluk om met steenkolen te handelen in ruil
voor tarwe, waar ze lang van leven konden. Roelfje probeerde op allerlei
mogelijke manieren de tarwe te bereiden. Ze brandde het in de pan en
maakte er meel van. Frederik Luttmer was een hard werkende man en kreeg
van niemand hulp. Zijn familie stierf niet van de honger, zoals zovelen
wel deden.De duitsers verboden de mormonen hun geloof te praktizeren.
Dus kwamen ze allemaal samen om in Frederik’s huis een kerkdienst
te houden. Tenslotte begonnen geallieerde vliegtuigen met het droppen
van voedsel. Het einde van de oorlog was in zicht. Eindelijk in mei
1945 was de oorlog afgelopen en konden de Nederlanders feestvieren.Na
de oorlog wilde Frederik altijd al naar Amerika gaan. Toen de nederlandse
bisschop Jacob Oenes besloot om naar Utah te emigreren bood bij Frederik
aan om een paar dochters van hem mee te nemen. Frederik was erg enthousiast
en dankbaar dat door de missionarissen iemand hem hielp. Dus werden
in mei 1948 Jacoba (20 jr.), Anna (18 jr.) en Roelina (16 jr.) naar
Amerika gestuurd. Later werden ook nog twee zonen gestuurd. En in 1950
gingen hij en zijn vrouw en nog vijf kinderen naar Amerika.Ze vestigden
zich eerst in Wendell, Idaho waar een boer hun gesponserd had. Ze bouwden
een klein huis op het grondstuk van de boerderij. Frederik moest de
boer met zijn werk helpen en dat moesten ook de kinderen.Boerderij van
de Luttmer’s in Wendell, Idaho. Frederik en zoon Gerhard aan het
ploegenEen paar jaar later verhuisde de familie naar Salt Lake City,
Utah. Een dochter en zoon bleven in Holland. Ze wilden dat Frederik’s
droom is geweest om naar Amerika te gaan en naar God’s Heilige
Tempel in Salt Lake City, waar hij zijn vrouw kon trouwen voor tijd
en eeuwigheid en al zijn kinderen voorgoed aan hem verbonden zijn. En
zijn droom kwam uit.Ze waren erg blij om in Amerika te leven, maar al
na vijf jaar stierf zijn vrouw op 23 november 1955 in Salt Lake City.
Frederik zelf stierf een paar jaar later, op 17 april 1959 in Salt Lake
City.
Uit: “Johan Herman Frederik Luttmer (* 1891) : een leven
beïnvloed door de religie van de mormonen”, in: Luttmer Nachrichten
–Familiekrant, 5 (2000) 7-9
Bekijk ook de foto's
die bij dit geschiedkundig verslag horen.