MvG logo www.mvgcontact.org

Heiligen der Lage Landen

Home


Inleiding: Heiligen der Lage Landen

woord vooraf

De volledige geschiedenis van de mormoonse saga in Europa is nog nooit verhaald. We beginnen een lange reeks afleveringen over de kerkgeschiedenis in Nederland en Vlaanderen. Hiervoor hebben we ook uw hulp nodig. We benutten wel elke bron in de kerkarchieven te Salt Lake City, maar ook daar zijn nog grote lacunes. Indien u dagboeken, brieven, krantenknipsels of andere publicaties bezit over de mormoonse geschiedenis in België of Nederland, zouden we dit heel graag vernemen. Wie de geschiedenis van zijn leven of het leven van een mormoons voorouder op band opneemt of neerschrijft, kan onze studie hierdoor uitermate verrijken.

Vergadert u in een oud kerkgebouw met "schatten op zolder"? Hebt u van oudere leden ooit documenten gekregen of geërfd? Wellicht hebt u binnen handbereik geschiedkundige bronnen die voor het Historisch Departement van de kerk zeer waardevol kunnen zijn. Laat het ons weten via de redactie. U kunt iets unieks bijdragen tot de wetenschap.

Zoals vermeld betreft dit een kroniek van de eerste honderd jaar "Heiligen der Lage Landen" (1861-1961), en de voordehandliggende uitnodiging is natuurlijk: wie begint de geschiedenis van de kerk over de laatste vijftig jaar vanaf 1961?

"Heiligen der Lage Landen" is een initiatief van MVG - Mormonen voor Vrede en Gerechtigheid: een kroniek van de geschiedenis van de heiligen der laatste dagen in Nederland en Vlaanderen.
Het betreft hier poging om de ontstaansgeschiedenis van de kerk in de lage landen voor een breed publiek toegankelijk te maken, en het internet leent zich daarvoor natuurlijk bij uitstek. MVG wil middels dit initiatief een totaalbeeld schetsen en bevorderen dat deze kroniek verder wordt aangevuld en gedetailleerd waar mogelijk.

"Heiligen der Lage Landen" putte uit de twee navolgende bronnen:

A- (afleveringen 1 t/m 6), (m.u.v. aflevering 2.1)
"De Geschiedenis van de Heiligen der Laatste Dagen in Nederland en Vlaanderen"
door Douglas F.Tobler en Barton W.Marcois (onderzoek en basistekst) en W.L.J. van Langendijk (nederlandse tekst en lokale bewerking).
Deze produktie werd in zijn geheel overgenomen uit het voormalige nederlandstalige tijdschrift: "Horizon, tijdschrift over de mormoonse gemeeenschap" (1983)

B- (afleveringen 7 t/m 15)
"Geschiedenis van de Nederlandse Zending"
door Keith C.Warner; vertaling K.J.Bakker (1967)
Het betreffende materiaal werd, op enkele pagina's statistische gegevens na, vrijwel in zijn geheel overgenomen uit een gebonden stencil met de gelijknamige titel dat werd gedistribueerd onder bezoekers aan een regionale vergadering d.d. 13 Juni 1981 te Den Haag.


afleveringen 1 t/m 6

April 1980: de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen viert haar honderdvijftigjarig bestaan. Sinds haar moeilijk begin in 1830, in een nog landelijke staat New York, is de kerk gegroeid in getal en gestalte. Tussen 1830 en 1980 veranderde het herstelde evangelie miljoenen levens. Ontelbare bekeerlingen hebben gezwoegd en geofferd om trouw te blijven aan hun overtuiging en deze door te geven aan kinderen en kleinkinderen.

De geschiedenis van deze bekeerlingen in Nederland en Vlaanderen spiegelt zich in het leven zelf van onze streken. Zij is gebonden aan sociale toestanden, aan de relaties tussen de gevestigde godsdiensten en de staat, aan politieke ontwikkelingen, aan de behoeften van de enkeling.

Wij benaderen daarom deze kerkgeschiedenis vanuit een iets andere gezichtshoek. Gebruikelijk is een opsomming van feiten over zendingswerk en groei - aankomst en vertrek van zendelingen, aantallen dopelingen en verslagen van vergaderingen en conferenties.. Weliswaar zijn die feiten bakens in onze geschiedenis, maar de geschiedschrijving reikt veel verder en veel dieper. Wij zoeken vooral naar de méns in zijn plotselinge ontmoeting met het mormonisme, in zijn luisteren en zijn bidden, in de stap die hem aan de oever van een rivier het water van de doop doet betreden. Wij zoeken naar het hoe en het waarom in het kader van de tijd, niet enkel het kerkelijk kader. Ook willen wij eerlijk en bescheiden zijn, zonder misplaatst triomfalisme.

Daarom schetsen we ook telkens Nederland en Vlaanderen met de kleuren van de betrokken periode, niet zozeer in de clichés van onze schoolse boeken, als wel tastbaar in het alledaagse Vaderland. Zowel België als Nederland komen aan bod, Nederland reeds vanaf de jaren 1840, België enkele decennia later en dus in volgende hoofdstukken. Wij nodigen u uit mee te leven in de roetbesmeurende, maar juichende stoom van de eerste treinen, in de ellende van de aardappelziektes, in het stoer patriotisme rond koning en leger, in de burgerlijke chocoladehuisjes voor dames.

En het is in dit alles dat wij de zoekende stappen volgen van de zendelingen van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, de moeilijke en de heerlijke momenten van de jonge leden, de droom van de emigratie naar Zion of het moedig standhouden op eigen bodem.

afleveringen 7 t/m 15

In 1861 arriveerden Paul Schettler en Anne Wiegers van der Woude in Nederland en begonnen het Evangelie onder de Nederlanders te propageren. Van der Woude doopte de eerste bekeerlingen, drie inwoners van Broek, op 1 oktober 1861.
Van 1861 tot 1863 doopten de eerste zendelingen drieendertig bekeerlingen en vestigden de eerste congregatie van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen in Amsterdam. Sedert de pogingen van de eerste zendelingen in 1861, dienden 4665 zendelingen hun Kerk in Nederland. Deze elders slaagden er in ongeveer 14.307 bekeerlingen te dopen. Op 1 november 1864 werden de taken van de Kerk in Nederland afgescheiden van de Zwitsers-Duitse zending en werd bekend als de Nederlandse Zending. In de eerste twintig jaar kende het zendingwerk in Nederland slechts weinig vooruitgang. Dit werd gedeeltelijk veroorzaakt door de taalmoeilijkheden, tegenwerking en gebrek aan kerkelijke literatuur. In 1880 kwam er echter een keerpunt. Toen nam de oppositie tegen de Kerk af en was er omtrent het Mormonisme voldoende gepubliceerd om de Nederlanders zover te krijgen naar de zendelingen te willen luisteren. Een bijdrage tot dit nieuwe succes werd geleverd door het feit dat de zending meer in het Nederlands begon te publiceren. In deze tijd vertaalden en publiceerden de zendingspresidenten het Boek van Mormon en andere boeken van de Kerk.
In de 105 jaar van het Mormoonse bekeringswerk bleken de bedreigingen van het gepeupel, de oppositie van de overheid en de pers juist hulpmiddelen voor publiciteit en begrip. De ondervonden tegenwerking van die zijden gaven de Kerk de impuls om tractaten, pamfletten en boeken in het Nederlands te publiceren. In de negentiende eeuw moedigden de Mormoonse zendelingen de bekeerlingen aan om zich in hun Zion in de Rocky Mountains te verenigen.
De eerste Nederlands Mormoonse emigranten scheepten op 1 juni 1864 in voor Amerika. In de eerste jaren van 1900 veranderden de leiders in Salt Lake City hun politiek en raadden de leden in Nederland aan om daar te blijven om de vertakkingen van de Kerk te helpen versterken en om te helpen het Mormonisme in eigen land te verbreiden. Niettemin emigreerden toch nog 6529 bekeerlingen naar de Verenigde Staten, Australie en Canada. Dit aantal bedroeg ongeveer 50% van het totale bestand aan dopelingen van 1861 tot 1966. Het was niet eerder dan halverwege de 20e eeuw dat de emigratie aanzienlijk afnam. Einde 1966 waren er in totaal 7300 Heiligen der Laatste Dagen in Nederland. De invloed van de twee wereldoorlogen op de Mormoonse Kerk in Nederland illustreert dat oorzaken van buitenaf, zowel politiek, sociaal als economisch, hun effect hadden op de activiteiten en ontwikkeling van de zending. In beide oorlogen werden kerkeigendommen vernietigd, Amerikaanse zendelingen teruggetrokken en nam het aantal dopelingen af. Na het beeindigen van beide oorlogen was er aanzienlijk verlies van plaatselijk leiderschap door emigratie. In de tweede wereldoorlog slopen verkeerde praktijken de Kerk binnen. Dit illustreert de noodzaak van het contact met de President van de Kerk, de profeet des Heren en andere bevoegde Kerkautoriteiten.
Vier gebeurtenissen hielpen bij het vormen van een positief aanzien van de Mormoonse Kerk in Nederland gedurende het naoorlogse tijdperk:
1. de introductie van het kerkelijke welvaartsplan
2. het bezoek van President David O. McKay
3. het bezoek van het Mormoonse Tabernakel Koor
4. de officiele erkenning van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen door de Nederlandse regering.
Deze gebeurtenissen mondden uit in de organisatie van de Hollandse Ring, een regionale administratieve eenheid. Ook ontving de Kerk in deze periode pro-mormoonse publiciteit van de zijde van de massa-media zoals televisie, radio en pers.
Deze studie van de geschiedenis van de Kerk in Nederland illustreert dat invloeden zowel van binnenuit als van buitenaf hun weerslag kunnen hebben op de groei en ontwikkeling van de Kerk in Nederland. Sedert de tweede wereldoorlog zijn er vier verschillende plannen ontworpen voor het bekeringswerk. Deze plannen verbeterden de mogelijkheden van de zendelingen om meer effectief zendingswerk te doen.
De Nedelandse zending had drie primeurs in de wereldomvattende ontwikkeling van de Mormoonse Kerk:
1. de eerste niet-Engels sprekende zending
2. de eerste niet-Engels sprekende ring
3. de eerste ring van de Heiligen der Laatste Dagen op het Europese vasteland.

In de honderd en vijf jaar van Mormoonse activiteit in Nederland is het aantal Nederlandse leden relatief klein gebleven. Dit wijst er op wat de toekomst van de Kerk in Nederland zal brengen, tenzij er invloeden van buitenaf zullen optreden die de Nederlanders meer ontvankelijk zullen maken voor de boodschap van het Herstelde Evangelie. President van Slooten heeft opgemerkt dat zulke gunstige veranderingen nu (1967) op komst zijn:

"Het is heel goed mogelijk dat de veranderingen, die op het ogenblik in andere kerken plaatsvinden, zoals bijvoorbeeld in de Katholieke Kerk, zullen resulteren in een ander standpunt ten opzichte van de Mormoonse Kerk en het Herstelde Evangelie. Vooralsnog neem ik aan dat er een langzame maar gestage groei in de Kerk in Nederland zal zijn. Deze groei zal worden veroorzaakt door vele factoren: emigratie, tempelbouw, vestiging van ringen enz."