Uit: Somsen Horizon - een publicatie van de familie Somsen
Waarom er Somsen-Mormonen zijn
door W. Randy Somsen
Waarom er Somsen-Mormonen zijn
door W. Randy Somsen
Somsens heb je in alle maten en soorten, ook als het gaat om de geloofsovertuiging die zij aanhangen. Nu is er een Somsen-tak die in een ver verleden de overstap maakte naar de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen (Mormonen). William Randy Somsen behoort tot die kerk en vertelt hoe dat in zijn werk is gegaan.
Mijn grootvader, Garrett William Somsen, kreeg in het jaar 1962 een autobiografie van Olive Emily Somsen Sharp. Veel van de informatie die ik hier zal geven over mijn tak van de Somsen familie, komt uit dit boek. Ook heb ik veel historische en chronologische informatie gehaald uit het boek over de Somsen generaties van Derk en Theo Somsen. Ik ben deze auteurs eeuwige dank verschuldigd voor alles wat zij hebben bijgedragen tot ons begrip van de Somsen geschiedenis en de erfenis die onze voorouders ons hebben nagelaten. Zonder de toewijding en de betrokkenheid om onderzoek tedoen en te publiceren van deze en andere auteurs zou de kennis van de geschiedenis van onze voorouders hoogstens vaag geweest zijn. Laat dit een les zijn voor hen die nog niet eens hun eigen geschiedenis hebben opgeschreven dit wel te doen zodat onze ervaringen en herinneringen kunnen voortleven. Mijn betovergrootvader Hendrik Jan Somsen en zijn gezin, dat bestond uit zijn vrouw Johanna Berendina Rensink en de kinderen Jan Willem, Arent Jan, Elizabeth en Gerrit, afkomstig uit Aalten, Nederland,vestigden zich op 25 juli 1851 in Sheboygan, Wisconsin, USA. Enkele maanden na hun aankomst kregen Hendrik en Johanna weer een kind: mijn overgrootvader, Henry John Somsen, werd geboren op 18 februari 1852. Daarna is deze tak van de Somsen familie, mijn tak, blijven bloeien in Amerika en er kwamen vele nakomelingen waarvan de meesten dezelfde hoop en dromen koesteren als zij die hier het eerst kwamen.
In het begin van zijn leven werd Henry John met vele uitdagingen geconfronteerd, terwijl hij nog maar een jonge jongen was, waartoe ook het verlies van zijn beide ouders in1863 gerekend moet worden. Garret, zijn oudere broer, die naar Detroit was verhuisd, nam de verantwoordelijkheid op zich Henry John op een boerderij op te voeden. Garret zorgde ervoor dat Henry John een goede opvoeding kreeg en ook een goede opleiding in de hoop dat Henry John goede mogelijkheden zou hebben in de toekomst. Op de jeugdige leeftijd van 20 gaf hij les op een school tot zijn 22ste. Toen trok hij naar het westen om te werken voor een spoorwegmaatschappij die bezig was de Oregon Short Line aan te leggen. Henry John was agressief, moedig en intelligent en al gauw kreeg hij de leiding over 200 man. Zijn hoofdkwartier was in een Echo hotel in Utah, dat de spoorwegmaatschappij gebouwd had om haar werknemers in te huisvesten. Gedurende zijn verblijf in het hotel ontmoette Henry John Emily Gentry en hij werd verliefd op haar. Zij kwam met haar ouders, twee zusters en vier broers uit Engeland. Zij waren gelovige leden geweest van de Episcopale Kerk van Engeland maar hadden zich laten bekeren tot de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen (de Mormonen of L.D.S.) en waren bekeerd door de ouderling Charles W. Penrose, een missionaris die vijf jaar bij de familie gewoond had voordat hij naar Amerika kwam. Emily’s gezin was sterk spiritueel gericht en zij hadden een getuigenis ontvangen van trouw aan de Mormoonse religie. Ik ben er van overtuigd dat zij baden, vastten en dezelfde vermaningen opvolgenden om de waarheid te vinden als vele anderen met inbegrip van Joseph Smith toen die een jongen van 15 was. Zoals mij werd gevraagd, zal ik een korte beschrijving geven van aantal gebeurtenissen uit het leven van Joseph Smith om daarmee een kleine uitleg te geven over de Mormoonse religie en de rol die deze gespeeld heeft in het leven van Emily’s gezin. Dit is absoluut geen volledige beschrijving van de gebeurtenissen die leidden tot de oprichting van deze godsdienst maar vormt een inleiding.
Joseph Smith werd geboren op 23 december 1805 en opgevoed op een boerderij in Palmyra, New York. Hij kwam uit een gezin van negen kinderen. De omstandigheden thuis waren zeer eenvoudig en hij had niet eens de kans om een normale opleiding te volgen. Joseph raakte zeer geïnteresseerd in godsdienst toen hij nog een jongen was, maar stond versteld over alle beweringen op religieuze bijeenkomsten en van predikanten dat hun kerk de enig ware kerk was en dat je je daarbij moest aansluiten. Elke kerk pretendeerde de waarheid in pacht te hebben, maar predikte totaal verschillende principes. Zelfs Joseph’s familie was verdeeld over het onderwerp religie: sommigen waren Methodist en anderen Presbyteriaans. Joseph vroeg zich af, terwijl Jezus waarachtig één evangelie verkondigde en, zoals genoemd in Ephezen 4:5, dat er slechts één God, één geloof en één doop is, hoe het dan kwam dat er zoveel verschillende interpretaties van dat ene evangelie waren? Hoe kon iedere kerk beweren de waarheid in pacht te hebben? Dit waren slechts enkele van Joseph’s vragen. Joseph wilde echt een kerk vinden die het ware evangelie verkondigde maar bleef zich afvragen bij welke kerk hij zich zou aansluiten totdat hij op een dag las in Jacobus 4:6 dat je je tot God moest wenden met je vragen. Deze tekst trof hem diep want hij voelde dat, als er al iemand hulp nodig had, hij het was en te midden van al zijn wanhoop om de waarheid te vinden was hij nog niet op het idee gekomen God te vragen welke kerk hij moest kiezen. Joseph was vastbesloten de waarheid te vinden en op een morgen ging hij in alle vroegte een bos in, niet ver van waar hij woonde, om God te vragen bij welke kerk hij zich moest aansluiten. De gebeurtenissen die toen volgden veranderden hem en vele generaties na hem.
Joseph Smith werd bezocht door twee hemelse wezens: de een was God de Vader en de ander was zijn zoon Jezus Christus. Joseph, gedreven door zijn wens te vinden bij welke kerk hij zich zou voegen, vroeg God wat hij moest doen. Hij kreeg de instructie zich bij geen enkele kerk aan te sluiten omdat zij in hun leer gedwaald hadden en niet de gehele waarheid onderwezen. Na deze ervaring was Joseph er van overtuigd dat, als hij vol vertrouwen bleef, hij aanwijzingen zou ontvangen wat hij moest doen. Na deze eerste ervaring kwamen e rallerlei wonderbaarlijke gebeurtenissen voor gedurende zijn hele leven, waaronder ook de restauratie en de vertaling van wat is opgetekend van de profeten die in het oude Amerika gewoond hadden. De mensen in het oude Amerika waren vrome en godsdienstige mensen die God kenden. Net zoals de profeten op het andere halfrond geschriften nalieten die we uit de Bijbel kennen, waren er in Amerika ook profeten die geschriften nalieten op het Amerikaanse continent. De grote wateren scheidden de mensen van elkaar maar niet de eerlijkheid van God die zijn werk overal in de wereld wilde tonen. De geschriften die opgetekend waren door de profeten in Amerika, zijn bewaard gebleven en bevinden zich in een boek met de titel ‘Het Boek van Mormon’. Mormon was een van de vele profeten die op het Amerikaanse continent woonden rond het jaar 400 van onze jaartelling. Hij was een van de laatste profeten in dat tijdperk en hij heeft eraan meegewerkt de heilige geschriften op gouden platen te behouden, geschriften die later werden vertaald door Joseph Smith. ‘Mormon’ is ook een bijnaam die gebruikt wordt voor de leden van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Joseph Smith, de profeet, gaf door onthullingen en onder leiding van God de mensheid hetzelfde evangelie, dezelfde verordeningen en dezelfde principes die Jezus Christus had onderwezen. De huidige profeet, Gordon B. Hinckley, ontvangt nog steeds openbaringen en raad over God’s wil voor zijn volk.
Deze religie, de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, was er de oorzaak van dat mijn overgrootmoeder Emily Gentry en haar familie naar Amerika kwamen. Zij waren vanuit Engeland vertrokken en hadden de grote vlakten overgestoken om zich in Utah tevestigen. Natuurlijk was het gezin zeer oprecht in haar nieuwe religie en toen Emily’s ouders Henry John’s belangstelling voor haar ontdekten en dat zij om hem gaf, ontstond er grote commotie in het gezin. Mijn overgrootvader, Henry John, was Presbyteriaans opgevoed maar was niet echt godsdienstig. Hij had echter een fijn karakter en was erg eerlijk en rechtdoorzee in zijn handelen.Toch verboden Emily’s ouders Henry John bij hen thuis te komen of Emily ergens anders te ontmoeten. Emily was koppig en stond erop dat ze Henry John ontmoette. Van het een kwam het ander en door de volhardendheid van Emily bleef ze John gedurende een jaar ontmoeten. Hoe meer haar ouders er over twistten dat zij vanwege hun geloof hier heen gekomen waren, des te sterker negeerde zij hun wensen. Ze wilde met deze jonge man trouwen. Ze konden haar niet begrijpen, maar ze vertelde hen dat hij geen slechte gewoontes had, nooit rookte of dronk en dat hij een goede man was. Uiteindelijk vertrok ze, zonder de zegen van haar ouders, naar Salt Lake City en trouwde ze met Henry John Somsen.
Emily, die bekeerd was tot de Mormoonse religie, zorgde er wel voor dat de kinderen van haar en Henry John werden opgevoed met goede normen en waarden en dat hen ook het evangelie werd onderwezen. Henry John steunde haar bij deze inspanningen. Dit alles droeg ertoe bij, samen met het feit dat ze in Utah woonden toen de kinderen jong waren, dat elk van de kinderen gedoopt werd in de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Sindsdien zijn veel van de nakomelingen van Henry John en Emily opgevoed in de traditie van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen of tot deze religie bekeerd.
Literatuurverwijzing: Olive Gentry Somsen Sharp, Autobiography of Olive Emily Somsen Sharp, 1962. Derk en Theo Somsen, Somsen Omnes Generationes, 1997, Perfect Service, Schoonhoven. Joseph Smith History, The Church of Jesus Christ of Latter-Day Saints, Salt Lake City, Utah, USA., 1985.
bron: http://www.somsen.org/Horizon/SH13/SH13_neder_resampled.pdf