MvG logo www.mvgcontact.org

Da Vinci Code

Home

 

Jezus, Maria Magdalena, de Da Vinci Code en de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laastste Dagen

Waarom is De Da Vinci Code van Dan Brown zo’n bestseller? Afgezien van het enorme tempo van de thriller, komt dit waarschijnlijk door een voor velen shockerende interpretatie van Christus. Hij zou een kind hebben bij Maria Magdalena, en daarmee voorouder zijn van een verborgen geslachtslijn die zich via de Merovingische vorsten (de voorlopers van de dynastie van Karel de Grote) in West Europa vestigde. En er zou tevens een geheime organisatie zijn die deze geslachtslijn heeft bewaard en de hele Graal mythologie van Middeleeuwen zou een verwijzing zijn naar of een mystificatie van dit nakomelingschap.

Deze theorie is niet van Brown afkomstig. Zelf verwijst hij ervoor onder andere naar The Holy Blood and TheHoly Grail, van Michael Baigent, Richard Leigh en Henry Lincoln, drie journalisten die in 1982 deze theorie hebben vormgegeven. Zij zelf vonden dat Brown’s boek zoveel aan het hunne ontleend had, dat zij tegen hem een proces wegens plagiaat hebben aangespannen. De rechter heeft inmiddels beslist dat daar geen sprake van is, aangezien er wel auteursrecht bestaat op tekst, maar niet op ideeën. Ook had Brown wel naar hun boek verwezen, maar als onderdeel van het verhaal (in hoofdstuk 60); eerlijk gezegd had hij dit volgens de gangbare wetenschappelijke en publicitaire normen wel iets duidelijker mogen doen, in het voorwoord of in een bronvermelding aan het eind.

Jezus als gehuwd man, Maria als zijn vrouw: ziedaar het voor velen verassende en shockerende element. Wat is daarvan ‘waar’? Althans, wat is ervan schriftuurlijk? De Katholieke kerk heeft nadrukkelijk afstand genomen van het idee, en de meeste Protestantse kerken eveneens, al zijn zij minder betrokken bij de verschillende sleutels van de Code. Wat zou hier vanuit het herstelde evangelie, in de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, over te zeggen vallen (de HLD kerk heeft over dit boek geen uitspraak gedaan).

Allereerst, veel kerken hebben traditioneel Maria Magdalena, die uiteraard voorkomt in de Evangeliën, gelijk gesteld aan de zondares die door Jezus vergeven wordt van haar seksuele overtredingen (Mt 9:2-6, Mk 2:5-7). De HLD kerk heeft dat nooit gedaan, en beschouwt dit als een onjuiste traditie. James Talmage, een Mormoonse geleerde, heeft in zijn Jesus the Christ zich nadrukkelijk gedistantieerd van de identificatie van deze twee vrouwen (o.c. p. 196-7). Het gaat hier om twee verschillende vrouwen en de evangelietekst geeft goede redenen om deze uit elkaar te houden. Het gaat niet aan om Maria Magdalena, inderdaad een vooraanstaande vrouw in het gevolg van Jezus en wel genoemd in alle vier de evangeliën, te belasten met een dergelijk verleden.

Ten tweede, Jezus als gehuwd man? Voor kerken voor wie het celibaat belangrijk is, kan dit idee bijna godslasterlijk zijn. Echter, in het Oude Testament zijn gehuwde priesters, gehuwde rabbi’s en later in het Nieuwe Testament gehuwde apostelen heel gewoon. Het celibaat is een instelling die in de Rooms Katholieke Kerk tussen de 3e en de 8e eeuw geleidelijk is ingevoerd (mede door de vorming van kloostergemeenschappen die ook geleidelijke celibatair werden), en nog later in de orthodoxe kerk, waar de regel alleen voor de hoogste geestelijkheid geldt. Er zijn aanwijzingen dat het voor een Joodse rabbi (en zo werd Jezus gezien en genoemd door zijn tijdgenoten) normaal was om gehuwd te zijn.

Natuurlijk komt het grootste emotionele bezwaar tegen de huwelijkse staat van Jezus voort uit de visie op hem als persoon van goddelijke oorsprong, als Messias. Jezus is er immers als Heiland voor alle mensen, niet voor één persoon in het bijzonder. Een dergelijke visie laat zich moeilijk rijmen met zoiets aards als een huwelijk.

De Kerk van Jezus Christus deelt de visie op Jezus als Gods Zoon, en verkondigt juist met kracht – samen met vele andere Christenen – de goddelijke oorsprong en bestemming van Jezus Christus. Echter, voor Heiligen der Laatste Dagen is zulks niet a priori strijdig met een huwelijk. Meer dan vermoedelijk enig andere Christelijke kerk, verkondigt de HLD kerk de heiligheid van het huwelijk, ja zelfs de diepe waarde van het huwelijk in de zaligmaking van de mens. Volgens de Mormoonse theologie is een huwelijk, gesloten door de priesterschap van God in de tempels die daartoe bestemd zijn, een van de heiligste verordeningen van het Evangelie, een stap omhoog op weg naar zaligmaking en verhoging. Het idee dat Jezus gehuwd zou zijn, is dus ondanks zijn unieke status als Zoon des Mensen, voor de Heiligen der Laatste Dagen geen probleem. Wel moet gezegd worden dat dit niet in de Schriften staat, en dat de HLD kerk heel voorzichtig is met speculaties buiten de geopenbaarde Schriften.

Wat is overigens de wetenschappelijke, empirische status van de theorie van Baigent, Leigh en Lincoln, en daarmee van Brown? Afgezien van de codes in Da Vinci’s werk, die feitelijk fictie zijn, komt het idee van Jezus’ nageslacht niet uit de lucht vallen. Belangrijk daarin zijn de verhalen in apocriefe boeken, zoals bijvoorbeeld het Thomas evangelie alsmede andere gnostische tradities, zoals de geschriften uit de Nag Hammadi bibliotheek, waaronder zelfs een Evangelie van Maria Magdalena. Deze geven soms een beeld waarin de positie van Maria Magdalena inderdaad een heel bijzondere is, en gaan daarin veel verder dan de Bijbel zelf. Men dient daarbij te bedenken dat er naast de canonieke boeken van de Bijbel meer dan honderd niet-canonieke boeken bekend zijn, zoals het onlangs opgedoken ‘Evangelie van Judas’ (waarin overigens niets staat over Maria Magdalena)

De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen erkent het bestaan en de waarde van apocriefe werken, en geeft het volgende geopenbaarde advies in de Leer en Verbonden, een bundel openbaringen uit en voor de moderne tijd: “Wie ze leest, laat hem begrijpen, want de Geest maakt de waarheid bekend, en wie door de Geest wordt verlicht, zal er nut van hebben, en wie niet ontvangt door de Geest, kan er geen nut van hebben.” (L&V 91: 4-6). Ze bevatten: ”… vele dingen die waar zijn…. en vele dingen die niet waar zijn, die tussenvoegingen zijn door mensenhanden.” (L&V 91: 1-2). Kerkelijke HLD geleerden maken veel gebruik van apocriefe boeken om bijvoorbeeld de toegevoegde voor de HLD kerk canonieke schriften als het Boek van Mormon en de Parel van grote Waarde te verklaren.

De argumentatie van de drie auteurs van the Holy Blood and the Grail – en daarmee van Dan Brown - is echter, ook met de apocriefen in de hand, niet sterk te noemen. Wetenschappelijk gezien wordt er een zwaar betoog opgehangen aan zeer weinig informatie, en dan nog zeer persoonlijk geïnterpreteerde gegevens. Het bestaan van het grote complot rond the priorij van Sion in Rennes-le-Chateau – een kernargument in hun betoog – is allerminst overtuigend. Kortom, het is een voorbeeld van wat in de wetenschap wel wordt genoemd: ‘een zwaar gewicht opgehangen aan een heel dun draadje’. Hun vervolg The Messianic Legacy van 1989, waarin zij met aanvullende ‘bewijs’ zeggen te komen, is nog dubieuzer. Daarin wordt nauwelijks nieuw materiaal gepresenteerd en is de interpretatie nog gekleurder; in wezen maakt dit tweede boek meer de indruk te willen kapitaliseren op een verkoopsucces dan dat het een nieuw argument biedt. Dezelfde empirische zwakte karakteriseert een soortgelijk boek van Lynn Picknett en Clive Prince ‘The Templar Revelation’ van 1997 (als vervolg op hun boek over de lijkwade van Turijn, en later gevolgd door een complottheorie over de Marsmissie van NASA!). Brown noemt dit boek, samen met nog twee andere, waarvoor hetzelfde geldt. Dit soort uiterst speculatieve hypothesen verkoopt goed, maar snijdt wetenschappelijk geen hout.

Over Maria Magdalena zijn overigens ook goede publicaties verschenen, die wel op gedegen wijze haar speciale relatie met Jezus bestuderen en analyseren, zoals Susan Haskins Mary Magdalen: Myth and Metaphor (1993) of Esther de Boer Mary Magdalene – Beyond the Myth (1997). Ook is er recent een prachtige historische roman over haar verschenen, uiteraard in details fictie, die zich baseert op gedegen studie en op goed inlezen in de situatie in Palestina rond 27 na Christus, Mary called Magdalene van Margaret George (2003).

Kortom, een getrouwde Jezus en Maria Magdalena als moeder van Jezus’ kind, blijft een pure hypothese, niet gesteund door voldoende bewijs om met enige stelligheid te poneren. Uiteraard staat het een ieder vrij te geloven wat hij of zij wil, maar voor de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, die met een dergelijke stelling inderdaad emotioneel en inhoudelijk weinig moeite zou hebben, is er geen reden om deze toch wel erg wilde speculatie te volgen. Voor de kerk is essentieel dat Jezus Christus onze Heiland en Verlosser is, en alle andere zaken zijn vergeleken daarmee, bijzaak. De getuigenis van de Kerk is dat Jezus Christus is opgestaan en zijn werk ter heiliging van de mensheid opnieuw gestalte heeft gegeven in zijn herstelde kerk op aarde.

Wouter van Beek

 

Lees meer artikelen van de hand van Wouter van Beek.